Volledig scherm
PREMIUM
Foto ter illustratie. © Thinkstock

Moeten we echt acht uur slapen per nacht? ‘Middagdutje is hét recept voor een lang en gezond leven’

We denken dat het ‘normaal’ is om 's nachts acht uur te slapen. Maar net als de Belgische regisseur en acteur Luk Wyns, die omwille van een onrustige baby in blokken van drie à vier uur slaapt, delen veel mensen hun bedtijd anders in. Van bifasisch slapen - een korte nacht en een siësta - tot zes dutjes van twintig minuten. Wat is hier van waar? En is dit ‘slaaphacken’ een gevaar voor de gezondheid? 

Historisch gezien lijkt bifasisch slapen onze voorkeursvorm van nachtrust. De Amerikaanse historicus Roger Ekirch bestudeerde oude teksten en stelde vast dat West-Europeanen tot de 19de eeuw in twee blokken sliepen: op tijd naar bed, om dan in het holst van de nacht wakker te worden. In die wakkere periode waren mensen vrij actief: ze gingen op bezoek bij elkaar, musiceerden en lazen, en het was volgens de literatuur ook het beste moment om de liefde te bedrijven. Daarna sliepen ze weer verder. De periodes werden ook echt als de eerste en de tweede slaap omschreven.