Volledig scherm
De Tourmalet is net als afgelopen jaar weer een optie voor de komende editie © photo: Cor Vos

De geruchten over de Tour van 2020: Alpe d'Huez, Mont Aigoual en de Tourmalet

Een tijdrit op La Planche des Belles Filles, koninginnenrit naar Alpe d’Huez en in de eerste week al verschillende onderscheidende beklimmingen. Net zoals elk jaar is een deel van het parkoers van de komende Tour de France al uitgelekt voor er maar een etappe gepresenteerd is. Wat kunnen we verwachten?

De grote roerganger achter de geruchtenmolen is Thomas Vergouwen (40) van de website Velowire.com. Elk jaar probeert de Nederlander aan de hand van boekingslijsten van hotels te achterhalen welke start- en aankomstplaatsen de grootste wielerronde van het jaar aandoet. Het afgelopen jaar was hij vrijwel foutloos, zijn voorspellingen over La Planche des Belles Filles, Tourmalet, Valloire, Tignes en Val Thorens klopten.

Ook voor de onthulling van het officiële Tourparkoers van 2020, die wordt volgende week dinsdag bekendgemaakt, is de website op onderzoek uitgegaan. Ook de lokale media en andere fanatiekelingen, zoals bijvoorbeeld wielertwitteraar La Flamme Rouge, hebben geruchten bijeengebracht. 

Nice

Wat honderd procent zeker is dat de Tour volgend jaar start in Nice met een rit van 170 kilometer over geaccidenteerd terrein. De tweede etappe, ook met start en finish in Nice, zal zelfs nog wat zwaarder zijn.

Volledig scherm
Profiel van de eerste rit © ASO

Over de andere negentien ritten heeft organisator Amaury Sport Organisation (ASO) nog geen officiële mededelingen gedaan. De verschillende geruchten bieden uitkomst. Allereerst - met het oog op een klassement van Tom Dumoulin - is het belangrijk om te kijken naar de tijdritten. Net als voorgaande edities gaat dat er waarschijnlijk één zijn. Op de voorlaatste dag wordt waarschijnlijk in een klimtijdrit gefinisht op La Planche des Belles Filles (een klim van 6 kilometer a 8,4 procent). 

De Renner

Volledig scherm
Het boek De Renner © -

Hoogtepunt voor de echte wielerfetisjisten is de aankomst op de Mont Aigoual in de zesde rit. In De Renner, het meesterwerk uit 1978 van Tim Krabbé, beschrijft de auteur zijn gedachten en verrichtingen in de Ronde van Mont Aigoual. De beklimming van een van de hoogste bergtoppen in de Cevennen is niet loodzwaar, maar wel  lang. Toeristen en inwoners  hebben alle tijd om van terrasjes toe te kijken. Van welke kant je ook komt, de weg loopt meer dan twintig kilometer omhoog. 

De Mont Aigoual is al de tweede finish bergop nadat twee dagen eerder naar ski-oord Orcières-Merlette wordt gepeddeld. Vanwege de Grand Départ in het zuiden van Frankrijk staan in het tweede weekend al de twee Pyreneeënritten op het programma: volgens de voorspellers zijn de reuzen Col du Tourmalet, Col de Portet-d’Aspet, Col des Ares, Port de Balès en de Col de Peyresourde in het parkoers opgenomen.

De tweede week begint op Île d’Oléron, in de buurt van Bordeaux, en krijgt die eerste dag ook een finish op een eiland: Île de Ré. De rest van die week zal voornamelijk bestaan uit vlakke en heuvelachtige ritten waarin voorzichtig koers wordt gezet naar het slotstuk in de Alpen.

Over de beproevingen in het hooggebergte aldaar wordt veel gespeculeerd. Door de overvolle hotels halverwege juli wordt een korte rit tussen Brides-les-Bains en Méribel verwacht. Ook is de kans aanwezig dat Tignes, na de plotselinge afgelasting dit jaar door het noodweer, alsnog de finish van een bergrit krijgt. Het hoogtepunt moet de etappe naar Alpe d'Huez worden, op die dag moeten ook de barbaarse Galibier en Croix de Fer overwonnen worden.

Na het drieluik in de Alpen volgen nog drie dagen, bestaande uit twee sprintritten naar Champagnole en Parijs, en de eerder genoemde tijdrit naar Planche des Belles Filles.