Volledig scherm
Dubbelportret van Johnny ‘ Otis’ Tholen. Zoals zijn leven zich ‘dubbel’ voltrekt. De haast 73-jarige begint gewoon opnieuw in de seksbranche, dicht bij de Damstraat, in de Willemstraat. foto Chris van Klinken/ het fotoburo

'Ik bracht het leven in de stad, maakte ze knettergek'

ROOSENDAAL - Twee keer eerder al verraste hij het brave Roosendaal. En dat gaat nu voor de derde keer gebeuren. Let maar op. Want Johnny is terug. Johnny is back in town. Back in business.

En wát voor een business. Die van de dames van lichte zeden. Zo kennen we hem weer, Johnny Tholen, alias Johnny Otis, naar zijn soulidool Otis Redding. Nauwelijks veranderd, 72, haast 73 inmiddels, baardje, ringetje in linkeroor en om linkerpink, kettinkje om de nek en een gladde schedel. " Ik ben nog steeds ijdel."



Het is alsof het spel weer van vooraf aan gaat beginnen. In 1968 zette hij Roosendaal op z'n kop met een discotheek in de Damstraat. Op het toppunt kende de zaak negen bars. " Er was niks. Ik bracht het leven in de stad. In lange rijen stonden ze voor de deur. Ik maakte ze knettergek."



Toen dat niet meer mocht, startte Johnny Otis op dezelfde plek een eroscentrum. Weer keek Roosendaal de ogen uit en viel de mond open. "Maar ach, we zijn allemaal mensen hè. Wat ik al niet binnen heb gehad: notabelen, pastoors, met een pruik op, wat maakt het allemaal uit.."



En nu, zes jaar nadat hij de deur van die seksclub heeft gesloten, heeft hij opnieuw wilde plannen. In zijn woning, boven de sportschool in de Willemstraat is nog plek genoeg voor een enkele 'peeskamer', of misschien nog wel voor meer. "Privé Otis gaat het heten. Ik kan het niet laten. Het is gezellig. Ik doe het als hobby. Niet omdat ik wil binnenlopen. Is nog nooit gebeurd. Als je begerig bent, ga je kapot. Als ik m'n natje en m'n droogje maar heb, is het goed. Iedereen wil toch leven? Iedereen heeft toch bloed? Binnen een maand begin ik. Meisjes genoeg. Klanten ook. Die zijn er altijd."



Meisjes. Ze spelen een grote rol in zijn leven. Nog steeds. Want Johnny is een liefhebber en zal dat nog lang blijven. "Ik ben vitaal, train elke dag in de sportschool hou van alles wat mooi en schoon is en versier nog steeds alles wat ik wil. Maar ze moeten niet stinken, dan stuur ik ze om een pakje sigaretten naar buiten en doe ik de deur dicht. En ze zijn jong, hè. Je zult me nooit met een oude vrouw zien. Uitgesloten. Als ze nu de krant lezen en zien dat ik deze maand 73 word, schrikken ze, haha. Dat hadden ze niet verwacht."



Nog steeds verwekt hij kinderen. De laatste is nu tweeënhalf. Johnny was zeventig toen zijn zoontje geboren werd. De hoeveelste dat inmiddels is? Hij moet even nadenken. Johnny gebruikt er zijn handen bij, noemt een aantal, corrigeert zichzelf en pakt bedenktijd. 'Hoeveel? Op papier? Even tellen hoor. Drie bij mijn eerste vrouw, Loes, die zo vroeg is gestorven. De liefde van mijn leven. Verschrikkelijk. En drie bij Sabine Borghardt, een Duitse. Leeft ook niet meer. Denk ik. Weet ik niet zeker. En twee bij een Braziliaanse vrouw. Paar jaar geleden tegengekomen. Eén van de twee kinderen is al vroeg gestorven."



Onofficieel zullen het er ongetwijfeld meer zijn. Hij lacht. "Ben ik wel zeker van. Onlangs zocht nog iemand contact met me. Was een zoon van me, zeiden ze. Die jongen was inmiddels 52. Ik dacht nog: tsjongejonge, moet ik dát allemaal op m'n geweten hebben? Dat wist ik helemaal niet, man. Dat durfde ze zeker toen niet te vertellen. Was het al gebeurd, had de Campinamelk z'n werk zeker al gedaan, haha."



Alsof het zo getimed is, gaat juist nu de deurbel. Johnny doet open en zoonlief Andrei van twee stort zich in z'n armen. En eigenlijk is het altijd zo geweest. Ondanks zijn beroep, ondanks activiteiten die zich in schemer of volle duister voltrokken, heeft Johnny Otis voor veel Roosendalers een hoog knuffelgehalte.



Bij leven al werd hij haast een legende. Het imago heeft hij geheel op eigen kracht verworven. "Ik denk dat ik in sommige opzichte veel betekend heb voor de stad. Met duistere praktijken heb ik me nooit ingelaten. Ik was m'n eigen uitsmijter en droeg al alles aan de belasting af, voordat de hele industrie werd gelegaliseerd. Toen al betaalde ik elke wip. Als ze me een bejaarde pooier noemen, oké, maar dan wel een bejaarde staatspooier."



Eentje met het hart doorgaans op de juiste plaats. Legendarisch ook was zijn ontmoeting in 1997, voor het oog van de KRO-camera's, met bisschop Muskens. Het ging over de internationale vrouwenhandel en prostitutie. De wulpse stulp van Johnny in Roosendaal gold als decor. Otis praatte honderduit met de bisschop. Het ijs smolt al helemaal, toen de seksbaas tegen de bisschop zei dat 'dat gesodemieter' al in de tijd van Jezus Christus was begonnen. Maar intussen sloop zijn zaak leeg. Later zou hij nog een bedankbrief van het bisdom krijgen.



Onlangs kreeg hij ook een bedankje. Maar dan in de vorm van een flesje aftershave. Van een oudere vrouw, die hij bij de Aldi in zichzelf had horen prevelen dat ze zo graag een magnetron wilde hebben. "Ik hoorde dat, heb haar aangeschoten en gezegd dat ik er wel eentje over had en dat ze die bij mij kon komen ophalen. Dat is ook gebeurd. Zo wil ik leven. Laat iedereen gelukkig zijn. En laat iedereen in zijn waarde."



Kijk, en dáárom ook is het goed dat Johnny na vijf jaar omzwervingen weer van zich laat horen. In Roosendaal. Zíjn stadje.

Volledig scherm
Volledig scherm
BN DeStem gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement