Volledig scherm
Een fragment uit een vorige editie van Zwaluwe - Tholense Boys. foto Ron Magielse

Titelfavorieten Zwaluwe en Tholense Boys strijden om eerste stap richting tweede klasse

ZATERDAG DERDE KLASSE B – Het verschil is slechts af te lezen in het doelsaldo; Zwaluwe en Tholense Boys geven elkaar weinig toe. Zaterdag kan een van beide teams een slag slaan in de titelstrijd. “Het kampioenschap wordt nog niet beslist, maar je kunt al wel de toon zetten.”

“Ik hoef ze niet te motiveren”, belooft Jack Beusenberg, trainer van Zwaluwe, al in aanloop naar de topper. “Die wedstrijd leeft wel bij die gasten.” Dat is in Tholen niet anders. “We kijken er enorm naar uit”, geeft trainer Erwin de Nijs aan. “Het kampioenschap wordt nog niet beslist, maar je kunt al wel de toon zetten.”

Volwassen
Het duel in Zeeland was een prooi voor Zwaluwe, op doelsaldo nu koploper. “Ik denk dat we verloren hebben op een stukje volwassenheid. Zwaluwe is toch een stabiele, volwassen ploeg. Zij hebben de tweede klasse nog iets verser in het geheugen zitten”, aldus De Nijs. Beusenberg hoopt op een herhaling van die editie. “We hebben keihard getraind, we zijn compleet, ik heb er een heel goed gevoel over.”

Beide teams doen een gooi naar de titel, maar vooral naar een terugkeer naar de tweede klasse. Zwaluwe degradeerde daar vorig seizoen uit, Tholense Boys een jaartje eerder. Beusenberg: “Die gasten zeggen: we horen in de tweede klasse thuis. Toen heb ik gezegd: als jullie dat vinden, moet je er elke wedstrijd staan.”

Tactiek
De Nijs denkt dat zijn ploeg de stap omhoog aan kan. “Ik heb het idee dat deze groep qua voetbal meer in de tweede dan in de derde klasse past. Hier heb je nog een paar tegenstanders die zich wapenen met vechtvoetbal, in de tweede klasse komt het meer neer op tactiek. Op tactisch vlak hebben we daar zeker wat te zoeken.”

De naam titelfavoriet willen ze allebei niet hebben. “Ik denk dat het tussen Zwaluwe en Tholense Boys gaat, maar DHV kan nog een gevaarlijke outsider zijn.” Over de kansen van Zwaluwe: “We hebben nu een tweede elftal dat in de reserve hoofdklasse speelt, dus we zijn in de breedte sterk genoeg om het af te maken.” De Nijs: “Wij zijn al vroeg betiteld als titelfavoriet, daar gingen de ploegen zich op wapenen. Daar moesten we aan wennen. Maar we makken inmiddels net wat makkelijker doelpunten en hebben meer variatie in ons aanvalsspel.”

Hij waakt echter voor te veel optimisme. “We kunnen wel vaak zeggen dat we sterk genoeg zijn voor de tweede klasse, maar we moeten het eerst maar eens voor elkaar zien te krijgen. Ik denk dat het moeilijker is om te promoveren dan om ons op dat niveau te handhaven.”