Volledig scherm
© Getty Images

Europa, het eerlijke verhaal

GASTOPINIE‘Meer Europa staat voor meer welvaart voor de burger, een schoner milieu en een beter klimaat.’ Is die opvatting wel hard te maken? 

door Michiel Bienert

Het bestaan van een Europese interne markt betekent een groter afzetgebied voor bedrijven, gevestigd in lidstaten van de EU. Een groter afzetgebied genereert, normaal gesproken, een grotere vraag naar het te fabriceren product en maakt daardoor schaalvergroting van het productieproces mogelijk. Schaalvergroting maakt op haar beurt productspecialisatie mogelijk (één arbeider maakt niet de hele fiets, maar één of meerdere arbeiders specialiseren zich in één onderdeel van de fiets). Dit maakt dat de kostprijs per eenheid te fabriceren product daalt, waardoor een grotere winst voor het grootbedrijf en eventueel een lagere prijs voor de consument mogelijk wordt en er dus meer welvaart voor iedereen ontstaat.

Meer globalisering en een grotere interne Europese markt betekent dus grotere winsten voor het grootbedrijf. Deze extra winsten geven de multinational ruimte om te investeren in extra productiecapaciteit of innovatie met als gevolg meer werkgelegenheid en inkomen voor de bevolking. Tot zover de gedachtegang die achter de opmerking 'meer Europa is goed voor Nederland', gemaakt door Rob Jetten (D66) en andere pro Europa-lijsttrekkers, schuilgaat.

Lobbyisten

Quote

Deze voor de staat gederfde belasting­op­breng­sten worden overigens gecompen­seerd door de belasting­druk voor burgers in dezelfde periode stelselma­tig te verhogen

Michiel Bienert

Wat echter niet door hen verteld wordt, is het volgende: de miljardenwinsten van multinationals die mogelijk werden door de toegenomen globalisering en het vergroten van een interne Europese markt door het toelaten van nieuwe lidstaten, worden door deze bedrijven niet alleen aangewend om te investeren in de reële economie en dus in extra banen en inkomsten. Dat geld vindt ook een andere bestemming. Een aanzienlijk deel van deze extra winsten wordt besteed aan de uitbreiding van het leger lobbyisten (Ewald Engelen, hoogleraar financiële geografie aan de Universiteit van Amsterdam). Dit leger heeft als doel de politiek in Den Haag en Brussel te bewegen wetgeving die het grootbedrijf welgevallig is, door te voeren. Zo hebben de financiële reuzen (ING, Aegon enz.), de farmaceutische industrie, de chemie (Bayer en co.), de tabaksindustrie, de voedingsmiddelenindustrie en de automobielindustrie alle een immens leger aan lobbyisten in loondienst. 

Gezamenlijk zijn zij er de laatste decennia in geslaagd in Nederland, maar ook in andere lidstaten, de belastingdruk voor bedrijven sterk te verminderen (de vennootschapsbelasting is verlaagd van 40 procent van de winst in 1980 naar 25 procent in 2017), de lonen te matigen (in de laatste dertig jaar zijn de lonen in ons land nauwelijks gestegen!), ontslagbescherming te verminderen, aftrekposten voor bedrijven te vergroten, verleende subsidies aan het grootbedrijf te doen toenemen of een bilateraaltje met de premier te regelen (Ewald Engelen).

Deze voor de staat gederfde belastingopbrengsten worden overigens gecompenseerd door de belastingdruk voor burgers in dezelfde periode stelselmatig te verhogen. De arbeidsinkomensquote, een getal dat de verhouding weergeeft van het deel van het nationaal inkomen dat door werknemers (arbeid) verdiend wordt en het deel dat door aandeelhouders (kapitaal) verdiend wordt, is als gevolg van zojuist geschetste ontwikkeling over dezelfde periode opzienbarend afgenomen.

Uitholling

Door deze enorme lobbykracht van het grootbedrijf wordt de democratie uitgehold en is er een ‘corpocratie’ ontstaan waarin, daar waar belangen van het grootbedrijf botsen met die van de burger, deze laatste structureel aan het kortste eind trekt. Voorbeelden van meer recente datum die illustratief zijn voor deze bewering is het feit dat de grootbanken die too big to fail en too big to manage zijn, tien jaar na het begin van de crisis nog steeds niet zijn opgesplitst, maar zelfs zijn gegroeid. Dat een kankerverwekkend bestrijdingsmiddel als glyfosaat jarenlang wordt toegelaten op de Europese en Nederlandse markt, met desastreuze gevolgen voor de volksgezondheid en biodiversiteit. Dat bedrijven als Tata Steel, Chemours, Shell en Schiphol nauwelijks zijn af te stoppen in het vervuilen, onveilig en ongezond maken van hun omgeving, laat staan dat ze bereid zijn een eerlijke CO2-tax te betalen.

Quote

De multinatio­nal verdient meer door winsten te beleggen op de beurs dan deze te investeren in innovatie of extra productie­ca­pa­ci­teit

Michiel Bienert

Een grote interne Europese markt in combinatie met een mededingingsautoriteit - autoriteit die er voor moet zorgen dat er voldoende aanbieders op de markt zijn die concurreren op prijs, zodat de consumentenprijs niet te hoog wordt - op Europees niveau in plaats van op nationaal niveau, doet een vrije Europese markt ontstaan met een beperkt aantal hele grote aanbieders (de winnaars van de concurrentiestrijd) met een heel groot marktaandeel. Daardoor krijg je extreem hoge prijzen van bijvoorbeeld sommige geneesmiddelen en extreem hoge winsten voor deze overgebleven marktspelers.

Een ander deel van deze toegenomen miljardenwinsten van multinationals wordt geïnvesteerd op de beurs, omdat het rendement op kapitaal groter is dan het rendement op arbeid. Anders gezegd: de multinational verdient meer door winsten te beleggen op de beurs dan deze te investeren in innovatie of extra productiecapaciteit. Deze laatste investering levert werkgelegenheid en dus inkomsten op voor de bevolking. Het gevolg van deze keuze van het grootbedrijf is dat de vermogensongelijkheid onder de bevolking nog groter wordt dan zij al is. Dit is te verhelpen door kapitaalstromen fiscaal te belasten. De Nederlandse overheid weigert dit echter te doen. Daar zijn ze in Moneyland blij mee.

Ongelijkheid

Samengevat: een grote Europese interne markt maakt schaalvergroting van het productieproces mogelijk. Schaalvergroting geeft het grootbedrijf de mogelijkheid tot het maken van miljardenwinsten. Wanneer deze winsten niet terugvloeien naar de samenleving, maar worden gebruikt voor het omzetten van economische macht in politieke macht of de aankoop van aandelen of andere effecten op de beurs, zal schaalvergroting de vermogens- en inkomensongelijkheid onder de Europese bevolking en de vervuiling van klimaat en milieu in Europa, doen toenemen. Dat meer Europa goed is voor het grootbedrijf en haar aandeelhouders moge duidelijk zijn. Beweren dat meer EU meer welvaart voor de burger oplevert of de weg is naar een schoner milieu of beter klimaat is naar mijn mening veel te gemakkelijk.

'Groot maar idioot en klein maar fijn', zei mijn jeugdvriendinnetje al. Een regionale zelfvoorzienende economie met steun voor het midden- en kleinbedrijf - de motor van de huidige nationale economie - dat doorgaans in verschillende opzichten meer maatschappelijk betrokken is dan het grootbedrijf, lijkt mij nastrevenswaardig. Onmogelijk? Nee, een kwestie van politieke keuze.

* Michiel Bienert is econoom en woont in Waalwijk.

  1. Negatieve spaarrente? Dan gaat mijn geld in een sok
    Geef uw mening

    Negatieve spaarrente? Dan gaat mijn geld in een sok

    Nederlandse spaarders houden het nieuws over de spaarrente momenteel zeer nauwlettend in de gaten. De Europese Centrale Bank (ECB) verlaagt de rente namelijk wederom, wat kan leiden tot een negatieve spaarrentestand. Als de spaarrente negatief wordt, betekent dat dat spaarders moeten gaan betalen voor hun spaarcenten op de bank. En dat ziet de gemiddelde Nederlander niet zitten, bleek eerder al. Verdwijnt ons zuurverdiende spaargeld straks massaal weer in een oude sok?

Poll

Bij mijn provinciale stem laat ik het landelijke klimaatbeleid meewegen

  • Eens (48%)
  • Oneens (52%)
877 stemmen

Poll

We maken ons veel te druk over de hitte

  • Eens (77%)
  • Oneens (23%)
979 stemmen