Volledig scherm
Projecten waarin ruimte is voor flexibele woonvormen zijn nodig om de aan de behoeften van woningzoekenden te voldoen. Niet alleen groot en duur, ook kleinschalige, goedkope woonruimten voor maximaal twee jaar verhuur zijn gewenst. © Archieffoto

Er blijft altijd een onderkant van de woningmarkt

GASTOPINIEVraag en aanbod groeien in de woningmarkt al jaren uit elkaar. Daar waar vooral dure koopwoningen worden gebouwd, stijgt de behoefte aan goedkope huurwoningen. Dat moet anders, maar eenvoudig is dat zeker niet. 

door Tonny van de Ven

Fort Oranje bij Rijsbergen is ontmanteld. De voormalige camping was voor veel oud-bewoners lange tijd de enige uitweg, nadat zij door uiteenlopende redenen buiten de boot waren gevallen binnen de reguliere woningmarkt. Maar met het verdwijnen van Fort Oranje is niet meteen ook het achterliggende probleem opgelost. Afgelopen zaterdag pleitte Klaas Burger, artistiek leider van de Academie voor Beeldvorming en kartrekker van het project Camping Kafka, er in deze krant voor dat er vooral veel meer gebouwd moet gaan worden, met name goedkope huurwoningen. ,,Want vrijwel alle bewoners van campings of vakantieparken zoeken naar betaalbaar onderdak. Campings zijn op dit moment de smeerolie van de woningmarkt”, waren de woorden van Burger. En daar heeft hij een punt, want Fort Oranje staat niet op zichzelf.

Beleggers

Nu is het zo dat vooral (particuliere) woningbeleggers over de ruggen van de meest kwetsbare mensen op de woningmarkt flinke rendementen behalen, terwijl zij meestal matige woonkwaliteit bieden voor hoge, soms zelfs exorbitante prijzen. Kan dat niet anders?

Quote

Een woning kopen is in Nederland nog altijd ‘de heilige graal’: de hele oriëntatie van de maatschap­pij is hierop gericht

Tonny van de Ven, bestuurder Alwel

Het zijn vooral de spoedzoekers – denk aan afgestudeerden, arbeidsmigranten, mensen met een verbroken relatie, mensen met schulden en (her)starters – die in de huidige markt geen betaalbare woning kunnen vinden met een fatsoenlijke basiskwaliteit. De tweedeling in de samenleving is goed zichtbaar in die onderkant van de woningmarkt. Fort Oranje was daarvan een schrijnend voorbeeld.

Maar waardoor is die tweedeling ontstaan en wat kan er beter? Allereerst zijn er zaken die op landelijk niveau anders zullen moeten. Een woning kopen is in Nederland nog altijd ‘de heilige graal’: de hele oriëntatie van de maatschappij is hierop gericht. Kopers ontvangen een hoge subsidie (hypotheekrenteaftrek). Dat is een veelvoud van de toeslag die huurders krijgen. De huurtoeslag haalt de overheid bovendien weer terug via de verhuurdersheffing, bij diezelfde huurders dus.

Ons fiscaal stelsel zou verregaand aangepast moeten worden, om zowel kopen als huren meer fiscaal neutraal te behandelen. Alleen dan kan de markt beter gaan functioneren. Electoraal scoort dit natuurlijk niet, maar het zou er zeker toe bijdragen meer betaalbare huurwoningen te kunnen bouwen op plekken waar nu altijd koop op de eerste plaats komt (dat levert hogere grondprijzen op). De eisen waar een nieuwe woning aan moet voldoen zijn hoog. Dat maakt een woning duur.

Lokaal

Quote

Waarom zijn er de afgelopen decennia door deze corpora­ties niet meer kleinscha­li­ge projecten ontwikkeld, met meer diversi­teit aan woonvormen

Tonny van de Ven, bestuurder Alwel

Ook op lokaal niveau zullen er veranderingen nodig zijn als we willen dat er meer gebouwd gaat worden in het betaalbare segment. Dat hoeft niet overal, maar wel in steden waar het aandeel van één- en tweepersoonshuishoudens groot is. Dat bouwen moet deels in flexibele concepten, zodat de woningvoorraad in de toekomst makkelijker kan meebewegen met de markt. Meer ‘losgoed’ in plaats van vastgoed. Denk aan flexibele woonvormen met flexibele contractvormen (tijdelijke contracten, de mogelijkheid om huur aan te passen bij inkomensstijging of -daling), zodat (spoed)woningzoekenden sneller een geschikt onderkomen vinden, om vervolgens na maximaal twee jaar door te stromen naar de reguliere woningvoorraad. Zo’n aanpak moet regionaal wel goed georganiseerd worden.

Woningbouwcorporaties mogen daarnaast de hand ook in eigen boezem steken. Waarom zijn er de afgelopen decennia door deze corporaties niet meer kleinschalige projecten ontwikkeld, met meer diversiteit aan woonvormen waarbij bewoners niet de hoofdprijs betalen voor een gammel hok? Fatsoenlijk beheerde woonvormen waar voor 400 tot 500 euro woningzoekenden voor maximaal twee jaar een ruimte van 40 tot 50 vierkante meter kunnen huren. Daar is behoefte aan.

Tolerant

Volledig scherm
Ontruiming van Fort Oranje. © Joyce van Belkom/Pix4Profs

Het huidige tekort aan betaalbare (huur)woningen is niet eenvoudig op te lossen. Het zal kostbaar zijn om dit soort flexibele woonvormen te bouwen en er zijn meerdere geschikte locaties in de regio voor nodig. Locaties waarvan de directe omgeving zich mogelijk weer maximaal zal verzetten tegen de komst van flexibele woonvormen. De samenleving is over het algemeen bepaald niet tolerant richting mensen die (tijdelijk) worstelen met het leven. 

Maar het alternatief is dat we straks om de paar jaar ergens een ‘Fort Oranje’ moeten opruimen. Dan spenderen we keer op keer miljoenen euro’s aan het achteraf oplossen van een probleem waar beleggers eerst een dik rendement op hebben gehaald. Er zal immers altijd een onderkant van de woningmarkt bestaan die bediend moet worden. En als we het niet in gezamenlijkheid van gemeenten en regiocorporaties goed oppakken, is het wachten op de volgende generatie (camping-) exploitanten die in deze, kennelijk lucratieve, markt stappen.

* Tonny van de Ven is voorzitter Raad van Bestuur van Alwel, woonstichting met woningen in Breda, Etten-Leur en Roosendaal. 

BN DeStem gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

Poll

Bij mijn provinciale stem laat ik het landelijke klimaatbeleid meewegen

  • Eens (48%)
  • Oneens (52%)
877 stemmen

Poll

Als postzegels nog duurder worden, stuur ik nooit meer een kaart

  • Eens (75%)
  • Oneens (25%)
1133 stemmen