Volledig scherm
Defensie beschikt over opleidingscentra waarvan ook civiele hulpverleners gebruik kunnen maken. © roy lazet

'Defensie moet zich meer bemoeien met onze nationale veiligheid'

OPINIE - De krijgsmacht heeft drie hoofdtaken: beveiliging van het Nederlands grondgebied tegen een potentiële agressor, levering van steun aan humanitaire en internationale (vredes)operaties en levering van een bijdrage aan de nationale veiligheid bij rampen- en crisissituaties. Die laatste taak is sterk onderbelicht.

De maatschappij wordt geconfronteerd met nieuwe dreigingen zoals terreur, radicalisering, cybercrime, migratie en politieke instabiliteit. Er is de laatste jaren sterk bezuinigd op de inlichtingendienst en de politie heeft aan slagkracht ingeboet. Je zou verwachten dat in deze onstuimige tijd Defensie een prominentere rol gaat vervullen in de nationale veiligheid, maar dat is niet het geval.

Papieren tijger

In 2004 hebben de toenmalige ministers Kamp, Remkes en Donner een ‘convenant civiel-militaire bestuur afspraken’ (CMBA) ondertekend, waarbij Defensie als structureel veiligheidspartner is aangemerkt. Defensie garandeerde steun aan civiele hulpdiensten. Elke veiligheidsregio kreeg een militair adviseur als liaison toegewezen en Defensie is politie en justitie meer gaan ondersteunen bij opsporingstaken. Maar het convenant en de latere afspraken blijken voornamelijk een ‘papieren tijger’. Onder het mom van niet te veel ‘groen’ op straat wordt krampachtig omgegaan met de inzet van Defensie binnen het publieke domein. Daarnaast heeft de top van de krijgsmacht weinig aandacht voor nationale veiligheid. Zij richt het vizier voornamelijk op internationale operaties.

Gelet op het actuele dreigingsbeeld is dit onbegrijpelijk. Er lijkt een catastrofale gebeurtenis nodig, voordat beleidsbepalers tot andere inzichten komen. De krijgsmacht is onmisbaar in de aanpak van complexe crisissituaties. Waarom? Omdat Defensie beschikt over: 1) goed opgeleid personeel met (leiderschaps)ervaring in buitengewone omstandigheden; 2) hoogwaardig materieel dat ­civiele hulpdiensten niet of nauwelijks beschikbaar heeft; 3) een snel inzetbare reservecomponent, specifiek toegerust voor rampenbestrijdingstaken; 4) veel expertise in crisisplanvorming en het voorbereiden van grootschalige oefeningen; 5) professionele opleidingscentra waar ook civiele hulpverleners kunnen worden opgeleid.

Wake-up call

Het is tijd voor een wake-up call. Defensie moet meer aandacht besteden aan haar derde hoofdtaak! Daarvoor zijn maatregelen nodig. Er moet op rijksniveau een visie worden ontwikkeld voor de krijgsmachtbrede ondersteuning bij nationale rampen en crises. Binnen de veiligheidsregio’s moet Defensie structureel aan de bestuurstafel zitten. Er moet een civiel-militair hoofdkwartier komen voor de aansturing van bovenregionale en nationale crisissituaties. En er moet meer multidisciplinair worden opgeleid, wat mogelijk is als de Nederlandse Defensie Academie meer samenwerkt met opleidingscentra van politie, brandweer en geneeskundige sector. De krijgsmacht moet in haar eigen opleidingen en bedrijfsvoering meer aandacht besteden aan nationale veiligheid en het onderwerp moet prominenter op de bestuurlijke agenda komen.

Bij deze een oproep aan het nieuwe kabinet om civiel-militaire samenwerking als één van de speerpunten in het nationale veiligheidsbeleid te benoemen. Defensie behoort als volwaardig partner proactief mee te schaken op het bord van de nationale veiligheid. Dat doet recht aan één van haar hoofdtaken en zo wordt Nederland crisisbestendiger. Dat zal ook de (belastingbetalende) burger tevreden stemmen.

Gert-Jan Ludden is adviseur crisisbeheersing.

BN DeStem gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement

poll

Als postzegels nog duurder worden, stuur ik nooit meer een kaart

  • Eens (75%)
  • Oneens (25%)
1133 stemmen