Volledig scherm
Van der Gaag © BSR Agency

Aangeslagen Van der Gaag niet van plan om op te stappen: ‘Dat is niet aan mij, dat is aan anderen’

De holle blik in zijn verdrietige ogen zegt veel, alles eigenlijk. Na zijn korte analyse staart Mitchell van der Gaag vrijdagavond omstreeks elf uur in de volgepakte perszaal in het oneindige niets weerloos voor zich uit. ,,Ik voel me in de steek gelaten, ik sta hier met een slecht gevoel."

De trainer van NAC heeft een groot probleem, hij weet zijn spelers niet meer te bereiken. De afstand wordt met de week groter. Het verlies bij Willem II, het puntje tegen ADO Den Haag en het echec op De Vijverberg voeden de gedachte dat de verwijdering tussen Van der Gaag en NAC aanstaande is. ,,De absolute wil om te winnen ontbrak eraan. De grootste teleurstelling voor mezelf is dat we er niet alles aan gedaan hebben. Dat heb ik vooraf nog gezegd, dat is voor mij de grootste nederlaag van vanavond."

Je moet verder, zegt Van der Gaag gelaten. ,,Als sportman geloof ik er altijd in. De andere zaken zijn niet aan mij." Tijdens de persconferentie geeft hij aan dat hij niet van plan is om op te stappen, hoewel het geen onlogische gedachte meer is. ,,Die vraag werd me net ook gesteld. Dat is niet aan mij maar aan anderen om daarover te oordelen."

Nee

Het vierkoppige technisch hart heeft zijn werk gedaan. De bevoegdheid om een trainer weg te sturen of aan te stellen ligt bij de directie, die gevormd wordt door interim Nicole Edelenbos, en de raad van commissarissen. Het toezichthoudend orgaan dat al vijf jaar uitblinkt in het nemen van verkeerde beslissingen. Van der Gaag: ,,Als we elkaar diep in de ogen kijken en zeggen: hebben we er alles aan gedaan om een resultaat te pakken. Dus met het mes tussen de tanden gespeeld en er ook alles voor en alles aan willen doen; dan is het een keiharde nee."

De toekomst van Van der Gaag hangt aan een zijden draadje. Het is voor iedereen zichtbaar dat hij het dolende elftal niet meer op de rit krijgt. ,,We kunnen niet tegen elkaar zeggen dat we er alles aan gedaan hebben. En dat is voor een trainer geen fijne zaak.”