Robèr Willemsen, voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland.
Volledig scherm
Robèr Willemsen, voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland. © GUUS SCHOONEWILLE

Horeca: Bedrijven zullen omvallen door koopkrachtplannen kabinet

Horecaondernemers zullen komende winter omvallen als de uitgelekte koopkrachtplannen van het kabinet onveranderd blijven. Daarvoor waarschuwt Robèr Willemsen, voorzitter van brancheorganisatie Koninklijke Horeca Nederland (KHN) in reactie op de plannen. KHN begrijpt ‘absoluut niet’ waarom ‘de rest van het bonnetje’ van de koopkrachtreparatie ‘opnieuw’ bij de horeca gelegd wordt, waar de coronacrisis diepe sporen heeft achtergelaten.

4 reacties

  • Louis Oomen

    3 maanden geleden
    tweedeling is het gevolg zie artiekel van de vakbeweging in deze krant
  • J van Nieuwenhuijzen

    3 maanden geleden
    Wat kanttekeningen. In de krant van vandaag: omzet horeca hoger dan voor corona. Heel Nederland wil wel in aanmerking komen voor kwijtschelding belastingen (let wel: het gaat hier namelijk over de afdracht van reguliere belastingen). Tenslotte: wordt met deze proza in feite erkend dat de Horeca haar medewerkers slecht betaalt? De horeca wil de inflatie liever niet compenseren en dus de medewerkers lager betalen. De eigen opgelopen kosten worden echter wel aan de klant doorbelast...... Jammer.
  • P Burger

    3 maanden geleden
    Horeca bezoek is het eerste waar je zonder problemen op kunt bezuinigen want niet echt een levensbehoefte. Bovendien is er wel erg veel horeca dus enige sanering is prima.
  • Peter van Dijk

    3 maanden geleden
    Vroeger was ik alleen welkom met een QR code, anders mocht ik niet naar binnen om iets te drinken of om maar zelfs te plassen. Discriminatie en uitsluiting van niet gevaccineerden, die momenteel gezonder zijn dan ooit.En ik ga geen 3 euro voor een klein glaasje pils betalen, waar ik 3 halve liters voor heb. Overal tekort aan personeel, hoe zou dat komen ? Veel zieken, midden in de zomer. Spijtig, maar deels hebben ze het aan zichzelf te danken. En ik ben er niet rouwig om.