Volledig scherm
© Shutterstock

Steeds meer clubs huren betaalde krachten in: ‘Het lijkt wel een bedrijf’

ClubheldenIn de voortdurende zoektocht naar helpende handen stappen clubs over op het inhuren van betaalde krachten. Noodzakelijk of onwenselijk?

Clubheldenbijlage
Dit verhaal is onderdeel van onze Clubheldenspecial. Alle verhalen vind je in de bijlage van je krant of in ons online dossierNomineer en/of stem op jouw Clubheld 2019! 

‘Het is bijna een bedrijf”, zegt Jans Pijbes nadat hij de cijfers van Kampong in Utrecht heeft opgesomd. De grootste hockeyvereniging van Nederland heeft 3300 leden, 500 vrijwilligers, 200 teams, 9 velden en 1 verenigingsmanager: Pijbes. De ‘spin in ’t web’, noemt hij zijn functie. ,,Ik moet ervoor zorgen dat de vereniging draait zoals ze moet draaien.’’

Dat doet hij met nog een aantal collega’s op het Hockeykantoor van Kampong, zij dragen zorg voor de ledenadministratie, de communicatie en de financiën. Zou hun werk ook gedaan kunnen worden door vrijwilligers? ,,Nee”, antwoordt Pijbes resoluut. ,,Daar is de vereniging te groot voor.’’

Regelmatig fungeert hij als vraagbaak voor andere hockeyverenigingen, die willen weten hoe de organisatie bij Kampong in elkaar steekt. Dat zijn veelal clubs die zelf ook erg groot aan het worden zijn en het werk niet meer louter door vrijwilligers gedaan krijgen. ,,Het omslagpunt ligt rond de 2000 leden’’, heeft Pijbes in de praktijk vastgesteld. ,,Wij merken in het land dat clubs die in die richting gaan of daarboven komen, met betaalde krachten gaan werken.’’

Sentiment

Bij dergelijke grote clubs is dat pure noodzaak. Anders ligt het bij kleinere verenigingen, waar nog volop de discussie woedt of het wel wenselijk is om mensen te betalen. Voornamelijk op basis van sentiment (je doet het toch uit liefde voor de club?) en financiën: voor heel veel verenigingen is het simpelweg niet op te brengen. Ook kan het scheve gezichten opleveren. Waarom zou je je als vrijwilliger nog belangeloos inzetten voor de club als een ander ervoor betaald krijgt?

Toch constateert de Sportaanbiedersmonitor 2018 van sportkoepel NOC*NSF ‘een trend richting het aannemen van betaalde krachten binnen de clubs’. Stond in 2016 nog 81 procent van de ondervraagde clubbestuurders achter de stelling ‘Dit is een club van vrijwilligers en dat moet zo blijven’, twee jaar later was dat percentage gedaald tot 72.

Verwachtingspatroon

Het is een ontwikkeling die Pijbes niet verbaast. ,,Het verwachtingspatroon van leden is aan het verschuiven. Mensen betalen contributie en gaan er vervolgens vanuit dat alles goed geregeld is bij de club. Ze willen waar voor hun geld.’’

Hij heeft begrip voor de weerstand die bij veel clubs nog bestaat tegen het inhuren van betaalde krachten. ,,Bij een kleinere club ligt het anders, daar is de binding van de leden met de club nóg groter dan bij ons. Dat is wel weer een voordeel bij het vinden van voldoende vrijwilligers. Voor een grote club is dat lastiger, is onze ervaring.’’

Volledig scherm
© Hein de Kort

Economische waarde

Die vrijwilligers vertegenwoordigen overigens een gigantische economische waarde, zo blijkt uit de recente Rapportage sport 2018 van het Sociaal en Cultureel Planbureau. ‘De meer dan een half miljoen vrijwilligers werkten samen 2,1 miljoen uren. Uitgaande van een 40-urige werkweek komt dat neer op een inzet van bijna 54 duizend fte’s bij Nederlandse sportclubs.’ Zouden die allemaal moeten worden betaald, dan steeg de contributie van verenigingen tot duizelingwekkende hoogte. Of anders gesteld: dankzij de onbetaalde inzet van al die vrijwilligers bespaart een lid van een club zo honderden euro’s per jaar.

In de amateurkunst zijn betaalde krachten wel al helemaal ingeburgerd. Zo blijkt uit de Verenigingsmonitor 2018 van het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (LKCA) dat 78 procent van de Nederlandse kunstclubs minimaal één artistiek begeleider in dienst heeft: een dirigent, regisseur of choreograaf. Het merendeel van deze artistiek begeleiders is hbo-geschoold.

Theaterkoor Ericarré is zo’n club die werkt met een betaalde kracht. ,,Onze dirigent wordt gefinancierd uit de contributie, hij is onderdeel van de begroting’’, zegt voorzitter Heleen Boerma. ,,Misschien zou een vrijwillige kracht dit werk ook kunnen, dat ligt aan het niveau dat je wilt bereiken. Bij ons is het essentieel dat de zang goed is, dan kun je niet zonder een professional. Dirigent zijn is een beroep op zich.’’