Volledig scherm

Column: Mr. Darcy

Mannen, jullie zijn gewaarschuwd. Deze column is niet voor jullie bestemd. Ik hoef alleen maar Mr. Darcy in te tikken en de meesten van jullie weten nu genoeg.

Maxim Hartman krijgt een spontane hartaanval als hij naar de première van Bridget Jones’s Baby wordt gestuurd, maar daar hebben duizenden vrouwen geen boodschap aan. Zo’n beetje alle bioscoopzalen zijn deze week gereserveerd voor de nieuwste film over stuntelkampioen Bridget en haar twee mannen. Bij Pathé in Breda kun je zelfs in twaalf zalen terecht.

Die vrouwen staan helemaal niet in de rij voor Bridget Jones of voor Patrick Dempsey. Die laatste vervangt Hugh Grant, maar is veel te knap en te glad. Nee, het gaat om Colin Firth. Hij heeft sinds zijn rol als Mr. Darcy in de BBC-serie Pride&Prejudice een onweerstaanbare aantrekkingskracht op ons.

Die serie verscheen in 1995 en sindsdien heb ik het zitten. Deze week was de tweede Bridget Jones-film voor de tachtigste keer op tv. ‘Zit je nu alweer te kijken, hoe is het mogelijk’, lachten mijn lieve huisgenoten. Sorry, ik kan het niet laten. Komt natuurlijk allemaal door dat Britse accent.

Mijn hart maakt een sprongetje zodra Colin in beeld is. Dat hart mag trouwens niemand hebben na m’n dood. Heb ik al in 1998 laten registreren. Sindsdien zit in mijn portemonnee een donorcodicil met de opmerking dat ze me mogen leegplunderen, met uitzondering dus van het hart. Zie dat vooral als iets symbolisch.

Mijn hart en ik, dat is samen één. Want stel je voor dat dit orgaan in een man wordt gezet. Dan wordt het toch echt een onbegrepen vrouwenhart. Ik neem het risico liever niet.
Durf trouwens ook niet naar die nieuwe film. Want Bridget met een strakgetrokken hoofd is eng, maar Mr. Darcy die oud begint te worden, is ook niet alles.

De dvd van Pride&Prejudice ligt al klaar.

  1. Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten
    COLUMN

    Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten

    Mijn vader was een visserman. Hij verdiende de kost op het Hollandsch Diep met het vangen van paling, bot en spiering. Ik maakte dat eind jaren zestig van nabij mee, toen dat water arm aan vis was geworden. De paling die je er ving, was amper nog geschikt voor menselijke consumptie. Hij zat vol met al de chemische troep die zich op de bodem van het Hollandsch Diep had verzameld. Paling leefde in en van die bodem.