Volledig scherm

Column: Juf van het jaar

Wie gaat er voor mij een pakje peuken halen? Geen basisschoolleraar die het vandaag nog zou durven vragen. Maar hoewel het in mijn jeugd ook al barstte van de antirookcampagnes, stuurde de juf van ons Brabantse dorpsschooltje nog gewoon leerlingen op pad voor haar nicotinebehoefte. Wij vonden het leuk. Bankbiljetje in de hand, schoolplein af, straat over, winkeltje in, écht afrekenen: je was er eens lekker uit.

Geen ouder klaagde. Tegenwoordig zou de school op z’n minst de inspectie op bezoek krijgen. Er zou een juridische procedure kunnen volgen. Een protesterende longarts in de krant. Toen niet. Het kan zelfs dat de betrokkenen voordelen zagen. Zelfstandigheid kweken, omgaan met geld, veilig oversteken.

Een rare gewoonte van mijn toenmalige leerkracht? Misschien. Toch kan het me, ook nu ik terugkijk, eigenlijk niet schelen. Sterker nog: als de BN DeStem wedstrijd Leraar van het Jaar destijds had bestaan, had ik haar onmiddellijk aangemeld.

Of ze goed lesgaf, staat me niet eens meer zo helder voor de geest. Maar ze was er voor ons toen dat nodig was. Een klasgenootje, een van mijn beste vriendjes, werd ernstig ziek. De juf moest een groep 6 opvangen die heus wel doorhad dat er meer speelde dan een griepje. Ze nam me mee naar een Rotterdams ziekenhuis. Ze was een stevige steunpilaar toen hij het uiteindelijk niet haalde.

Scholen profileren zich zelden met hun personeel. Ze pronken met interactieve lesmethodes, digiborden en tabletlessen. Maar een modern schoolbord heeft net zo weinig inlevingsvermogen als een met krijtjes. Een iPad droogt geen enkele traan.

Het gaat om de poppetjes, ook in het onderwijs. Koester die fijne meester. Haal eens wat lekkers voor die ene superjuf, als ze jarig is. Al zou ik een pakje peuken niet onmiddellijk aanraden.

  1. Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten
    COLUMN

    Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten

    Mijn vader was een visserman. Hij verdiende de kost op het Hollandsch Diep met het vangen van paling, bot en spiering. Ik maakte dat eind jaren zestig van nabij mee, toen dat water arm aan vis was geworden. De paling die je er ving, was amper nog geschikt voor menselijke consumptie. Hij zat vol met al de chemische troep die zich op de bodem van het Hollandsch Diep had verzameld. Paling leefde in en van die bodem.