Volledig scherm
BNDS Column Ad Pertijs

Column: Homo?

Het niveau holt hard achteruit in het stadion van NAC. Want hoorde ik dat nu goed in de eerste minuut van de wedstrijd tegen Jong PSV? De B-side hief een lied aan, waarin slechts de woorden ‘Siem is anders van aard’ en een afsluitend ‘Homo!’ als verstaanbaar doordrongen tot de rest van het stadion. Homo?

Als je het als meelevende supporter echt niet meer weet, dan maak je een tegenstander uit voor homo, of je zingt dat zijn moeder een hoer is. ‘Homo’ en ‘hoerenjong’, dat zijn de ‘poep- en plas’-teksten van een doorsnee supporterslegioen.

Dat van NAC ging er altijd prat op daar ver vandaan te blijven. Originaliteit en creativiteit voerden de boventoon in bijtende of ludieke teksten.

‘Egmond in Zee!’, komt zoveel anders binnen dan arbiter Dick Egmond in een liedje een hondenlul te noemen. ‘Ze toveren een grijns op je gezicht’, omschreef ex-trainer Robert Maaskant eens de kracht van de koorknapen van NAC.

Spandoeken als ‘Liever een soa aan je zak, dan een trommel in je vak’, of ‘Liever een spandoek dat niet rijmt, dan een fan van Willem II’, waren van een ongekende schoonheid en kracht. De ander met humor op zijn plaats zetten, dat konden de fans van NAC als geen ander.

Maar dit? Siem de Jong proberen te raken met een homoliedje? Dan draai je stom genoeg de rollen om. Want toen na een half uurtje de aanhang nogmaals het ‘Siem is anders geaard... Homo!’ inzette, krulde Siem - oog in oog met de B-side - een vrije trap doodleuk in het doel. Wie lacht er dan het laatst?

Kennelijk viel daarmee ook het kwartje op de B-side. Want toen de fans het even later niet eens waren met een beslissing van de scheidsrechter, klonk de klassieker ‘Hij gaat de singel in’ door het stadion. Een grijns toverde zich op mijn gezicht.

  1. Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten
    COLUMN

    Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten

    Mijn vader was een visserman. Hij verdiende de kost op het Hollandsch Diep met het vangen van paling, bot en spiering. Ik maakte dat eind jaren zestig van nabij mee, toen dat water arm aan vis was geworden. De paling die je er ving, was amper nog geschikt voor menselijke consumptie. Hij zat vol met al de chemische troep die zich op de bodem van het Hollandsch Diep had verzameld. Paling leefde in en van die bodem.