Volledig scherm

Column: Complot

Wanneer de angst regeert, zie je complottheorieën welig tieren. We zagen het na de moord op JFK, na 11 september, na MH17. Zelfs na de eerste mannetjes op de maan.

Nu is het opnieuw raak. Hillary Clinton had geen longontsteking, ze zou vergiftigd zijn! Waarbij de beschuldigende vingers niet alleen richting Donald Trump wijzen, maar vanzelfsprekend ook naar de Russen. Die hebben het namelijk altijd gedaan. Zelfs ik kreeg er een beetje last van. Zo werd ik gehinderd door grillige gedachtenkronkels rond die hitsige hoornaars. Deze reuzenwespen teisterden eerst onschuldige oorden zoals Marum (Friesland), Elim en Hoogeveen (Drente), maar doken plots zelfs op bij onze Strijbeekse Hei!

Waar komen die opeens vandaan? Wat te denken van die nare varaan, het broertje van T-Rex, die arme Max Verstappen werkelijk de schrik van zijn nog zo jonge leven bezorgde? En hoe kan het dat we amper een week geleden nog massaal onwel werden van die belachelijk hoge temperaturen? Volgens de reguliere kalender zouden we al lang weer met een bockbier bij de open haard moeten zitten, terwijl buiten de herfstwind giert en de regen onze ruiten teistert!

Wie zit hier achter? Een even geniale als krankzinnige dr. Evil, die de natuur kan manipuleren en zo de wereldheerschappij naar zich toe wil trekken? Is professor Moriarty uit zijn as herrezen? Of is het toch weer ‘gewoon’ de CIA of de Russische geheime dienst? Ach, misschien heb ik iets te veel naar B-films gekeken en als kind te vaak stripboeken gelezen.

Gelukkig maar dat het gisteren Prinsjesdag was. Na de peptalk van onze zo wijze koning, maar vooral na het aanschouwen van de andermaal sprookjesachtig mooie glimlach van zijn gemalin zie ik geen spoken meer. Ik kan de wereld weer aan. Zelfs reuzenwespen.

  1. Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten
    COLUMN

    Moerdijk mocht dan een vissersdorp zijn, vis werd er amper gegeten

    Mijn vader was een visserman. Hij verdiende de kost op het Hollandsch Diep met het vangen van paling, bot en spiering. Ik maakte dat eind jaren zestig van nabij mee, toen dat water arm aan vis was geworden. De paling die je er ving, was amper nog geschikt voor menselijke consumptie. Hij zat vol met al de chemische troep die zich op de bodem van het Hollandsch Diep had verzameld. Paling leefde in en van die bodem.