Volledig scherm
De paters van de congregatie Heilige Geest zijn allang vertrokken. Twintig jaar geleden werd hier een leefgemeenschap voor vijftigplussers gesticht. ;Marisa van Dodewaard in de kloostertuin met op de achtergrond de twee koeienstallen. Straks komen er nog drie bij. foto's Riet Pijnappels

Stallen vol dikbillen op steenworp van het aardse paradijs

Baarle-Nassau - Wie in het paradijs woont, wordt daar niet graag uitgejaagd. Begrijpelijk toch?

In alle ogen ligt diezelfde vragende, licht wanhopige blik. Op de bank in het huisje van Marisa van Dodewaard (52) zit een groepje 'dorpsgenoten' van het woonpark 'De Grens', dat pal tegen de Belgische grens aan ligt.



Het is een bijzondere plek waar het gesprek plaatsvindt. Aan de ene kant van het huisje baadt een prachtig oud, steenrood klooster in het zonlicht en zingen merels in hoge bomen. Daarachter een stil, groot park met vijver.



Het is een plaatje om bij weg te dromen, naar een tijd waarin paters in de tuin wandelden, met een gebedsboekje opengevouwen in de handen. Aan de andere kant, letterlijk tegen het achtertuintje van Marisa aan, in het Belgische land, loeit de harde realiteit. Daar staan lange rijen witte dikbillen, gestald in open hokken van meterslange veeschuren in een kaal, ontsierd landschap.



Marisa kijkt er treurig bij. Wat ooit als een idylle begon, lijkt nu te eindigen in een nachtmerrie. Ooit, zo'n twintig jaar geleden, stichtte een groepje vijftigplussers in de enclave Baarle-Nassau een woon- en leefgemeenschap, vanuit het ideaal om samen een beetje voor elkaar te zorgen. De paters waren allang vertrokken, en wat leek mooier dan een nieuwe, hechte en sociale gemeenschap op de heilige grond? In het klooster kwamen achttien appartementen en daarnaast werden er dertien woonunits gebouwd.



Het saamhorigheidsgevoel onder de nieuwe bewoners duurde helaas niet lang, door botsende karakters en ruzies over taakverdelingen spatte de droom al gauw uiteen. Vandaag de dag is het woonpark een duiventil, vertelt Marisa. Huurders komen en gaan, jonge stelletjes, gescheiden mannen en vrouwen. Iedereen die wil, kan nu een plekje huren op het kloostercomplex.



De woonunits naast het kloostergebouw ogen verwaarloosd, de sfeer is niet best en van een gezamenlijk ideaal is al lang geen sprake meer. Jammer, betreurt woordvoerder Aaldert Burger, maar ondanks de verloren idealen was het toch nog rustig wonen in het landelijke gebied. Totdat een paar jaar geleden, op de plek van het oude Belgische kloosterboerderijtje, twee hele grote koeienstallen werden gebouwd door de grote agrarische ondernemer Vilatca. Vanaf dat moment werd de schaduw over het paradijselijke woonoord steeds groter en donkerder. Burger (58), die samen met zijn vrouw Mara (57) al twaalf jaar in de sacristie van het klooster woont: "De overlast is echt heel erg. Stank, vliegen, maar vooral veel geluidhinder. Nachtelijke veetransporten, dag en nacht harde muziek uit de stallen, het enorme lawaai van de voer- en schoonmaakmachines.



Maar het ergste is het geloei van de moederkoeien, die vaak 's nachts moeten kalveren. De dikbillen zijn zo gefokt dat ze niet op een natuurlijke manier kunnen bevallen, zodat er altijd een dierenarts bij moet komen voor een keizersnede. Het geloei van die koeien in barensnood gaat door merg en been."





De schrik sloeg de bewoners dan ook onlangs om het hart, toen ze toevallig in het Ravelse dorpskrantje lazen dat Vilatca een vergunning heeft aangevraagd voor nog drie grote stallen. Pal naast de andere twee en nog geen dertig meter van het huisje van Marisa.



Zoiets zou in Nederland nooit mogen, vertelt Burger, maar het probleem is dat België het fenomeen 'stankcirkel' niet erkent.



Bezwaren tegen de bouw moeten voor 12 april binnen zijn en daarom hebben de bewoners in allerijl bezwaarbrieven gestuurd naar de betrokken gemeenten aan weerskanten van de grens.



Burger: "Dit is een urgente situatie. Als die vergunningen eenmaal verstrekt zijn, staan we machteloos." Marisa vreest het ergste: "Het plan is om de stallen met de open kant naar mijn huis toe zetten. Dat betekent dus 24 uur per dag een bak licht in mijn huiskamer, muziek uit de geluidsboxen, het kabaal van de machines en een hoop geloei 's nachts."



Als de stallen er ondanks hun protesten toch komen, zit er volgens Burger niets anders op dan te verhuizen of desnoods de woonunits te verplaatsen. "Vijf megastallen naast een woonpark. Dat geloof je toch niet?"



Hoe vervelend ook, de kans dat de bewoners van 'De Grens' zich bij hun lot moeten neerleggen is groot, zegt Annely Peskens van de gemeente Baarle-Nassau. "Wij begrijpen hun probleem heel goed, maar staan met de rug tegen de muur. De stallen staan op Belgisch grondgebied. Wij hebben geen enkele bevoegdheid. Het is een grensprobleem. We hebben de gemeente Ravels gevraagd om rekening te houden met de bewoners, maar ons is verteld dat zij de bouwvergunningen voor de stallen niet kunnen weigeren volgens hun eigen wetgeving. We kunnen dus geen kant op. Behalve als er Europse afspraken over stankcirkels komen, maar zover is het nog niet."

Volledig scherm
De paters van de congregatie Heilige Geest zijn allang vertrokken. Twintig jaar geleden werd hier een leefgemeenschap voor vijftigplussers gesticht. ;Marisa van Dodewaard in de kloostertuin met op de achtergrond de twee koeienstallen. Straks komen er nog drie bij. foto's Riet Pijnappels

In samenwerking met indebuurt Breda