Strafpleiter Ronald Drenth staat zijn cliënte, de 38-jarige Bredase A. de J., bij tijdens de behandeling van haar zaak.
Volledig scherm
Strafpleiter Ronald Drenth staat zijn cliënte, de 38-jarige Bredase A. de J., bij tijdens de behandeling van haar zaak.

Geen straf geëist in Bredase zelfmoordzaak

BREDA - Uiteindelijk ging de discussie tussen officier van justitie en advocaat over ontslag van rechtsvervolging of vrijspraak. Het effect voor de verdachte is hetzelfde: als de rechtbank een van beiden volgt, gaat de Bredase A. de J. niet de gevangenis in.

Een jaar geleden zag het er voor haar nog een stuk onheilspellender uit. De J. was ten laste gelegd dat ze haar stervende man, de 38-jarige Frank van der List, in hulpeloze toestand had gelaten. Van der List stierf op 1 mei 2007 aan een overdosis morfine.



Officier van justitie R. de Brouwer hield aanvankelijk de mogelijkheid open dat hij De J. moord of doodslag ten laste zou leggen. Maar nader onderzoek heeft uitgewezen dat daar geen enkele aanwijzing voor is. Zo heeft de patholoog geen prikopening in het lichaam van Van der List gevonden.



Wel acht de officier bewezen dat De J. haar man heeft laten sterven, dat ze wel de huisarts heeft benaderd, maar tegen hem de situatie veel te rooskleurig had voorgesteld. Echtgenoten zijn volgens de wet verplicht elkaar 'onderhoud en verzorging' te bieden.



De gedragsdeskundigen zijn het erover eens dat De J. volledig ontoerekeningsvatbaar is. Daarom kan ze niet worden gestraft. Wel kan haar een strafrechtelijke maatregel worden opgelegd in de vorm van plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis voor een jaar.



Aangezien de vrouw echter al een jaar in een GGZ-kliniek verblijft – en daar zienderogen opknapt – ziet de officier ook daarvan af.



Voor raadsman Ronald Drenth is zonneklaar dat Frank van der List zelfmoord heeft gepleegd. De aangetroffen dosis morfine in zijn stoffelijk overschot bedraagt tien keer de dodelijke dosis.



Nooit is ter wereld een hogere dosis aangetroffen. Bij iemand die ervoor kiest om op een dergelijke wijze te sterven, kun je niet spreken van hulpeloos achterlaten, meent mr. Drenth.



Hij verwijst daarvoor naar een eerdere uitspraak van de rechtbank in Den Bosch. De officier gaat die uitleg te ver.



" Mensen die echt dood willen, kiezen meestal voor verhanging of ze springen voor de trein. Bij een overdosis medicijnen leeft vaak nog de hoop tijdig te worden gevonden. Het is veelal een schreeuw om hulp."



" Maar niet bij een dosis die het tienvoud is van de dodelijke", meent Drenth.



De moeder van Van der List liet een slachtofferverklaring voorlezen. Ze had al lang geen contact meer met haar zoon, maar koesterde de hoop dat het ooit weer goed zou komen.



Die hoop is de bodem ingeslagen. De beide kinderen van slachtoffer en verdachte verblijven, elk afzonderlijk, in een pleeggezin.



De rechtbank doet op verzoek uitspraak op 24 april. De reguliere datum zou 30 april zijn, de dag die in 2007 aan het onheil voorafging. Op 1 mei 2007 overlijdt de 38-jarige Bredanaar Frank van der List aan een dosis morfine, die het tienvoud blijkt van de dodelijke dosis.



Justitie acht bewezen dat zijn vrouw haar man in hulpeloze toestand heeft gelaten.



Ze eist geen straf, omdat de verdachte volledig ontoerekeningsvatbaar wordt geacht.



De advocaat vraagt vrijspraak.

In samenwerking met indebuurt Breda