Volledig scherm
Een artist impression van hoe de Nieuwe Mark in Breda groene kades zou kunnen krijgen. De Nieuwe Mark vergt een forse investering maar de vergroening kan met Europees subsidiegeld betaald worden. © Gemeente Breda

Breda blijft fors investeren en lasten voor burgers stijgen amper

BREDA - Breda gaat niet bezuinigen op voorzieningen, de lasten voor de burgers stijgen slechts marginaal en er wordt fors geïnvesteerd in de gemeente. Dat blijkt uit de begroting 2020 die woensdag is gepresenteerd.

Vorige week luidde stedennetwerk G40 nog de noodklok over de financiële situatie bij veel gemeenten, net name als gevolg van fors lagere bijdragen van het Rijk. Bezuinigingen zijn ‘onvermijdelijk’, zei de Bredase burgemeester Paul Depla als voorzitter van de G40.

Wethouder Greetje Bos van Financiën zei toen in een korte reactie al dat ‘draconische maatregelen’ in Breda niet nodig zijn omdat de situatie hier lang niet zo nijpend is als in veel andere gemeenten.

200 miljoen euro

Nu blijkt dat Breda zelfs voortvarend door gaat met investeren. Maar liefst 200 miljoen euro wordt de komende jaren in de stad gestoken als het aan het college ligt, dat gesteund wordt door een coalitie van VVD, PvdA en D66. Zo gaat er in 2020 veel geld naar de nieuwe topsporthal (23,9 miljoen), doortrekken van de Nieuwe Mark (18,2 miljoen) en een nieuwe daklozenopvang (4,2 miljoen). 

Externe fondsen

Om ook op langere termijn alle uitgaven te kunnen doen die het college nodig acht, moet Breda wel de inkomsten vergroten. ‘We zetten daarom stevig in op het binnenhalen van externe fondsen’, schrijft het college. Dit jaar is dat bijvoorbeeld al gelukt met Europese subsidie voor de Nieuwe Mark. Tevens moet er een ‘stevig gesprek’ worden gevoerd met het Rijk over de uitkeringen aan gemeenten. 

Ondanks de teruglopende rijksgelden, is het volgens het college niet nodig in Breda ‘de boel op slot te gooien'.  Behalve eerdergenoemde investeringen, wil Breda bijvoorbeeld ook geld steken in de openbare ruimte ('groene pleinen en parken 2.0’) en in energietransitie. 

Parkeertarieven

Om dat waar te kunnen maken, moet her en der wel ook naar financiële ruimte gezocht worden. Zo is op posten waar voorheen vaak geld over bleef, nu strakker begroot. Ook gaan enkele tarieven omhoog: de parkeertarieven  stijgen licht, ligplaatsen voor bootjes worden iets duurder en burgers/bedrijven gaan soms meer betalen aan administratiekosten/leges.

De lokale belastingen (ozb, rioolheffing en afvalstoffenheffing) stijgen per saldo met 1,18 procent, wat voor een gemiddeld huishouden neer komt op 8,50 euro per jaar. 

In samenwerking met indebuurt Breda