Volledig scherm
archieffoto © iStock/Thinkstock

Fietsblog: Jouw eigen tempo

Gabrielle is een fietsfan. Ze leert fietsen op een mountainbike. Met vallen en opstaan. Letterlijk. Lees meer over klikpedalen, klimmen in Oostenrijk, baaldagen en fietskleding voor dames. En wat het verschil is tussen mannen- en vrouwenzadels?

Vorige week fietste ik een rondje van zestig kilometer, samen met mijn lief. Die met zijn staalkabels van spieren in zijn benen, altijd veel harder fietst dan ik. We begonnen aan het rondje met een gemiddelde van dertig kilometer per uur. Op een mountainbike is dat voor mij best hard. Ik kon hem het eerste uur van ons rondje maar net bijhouden. Maar ik moest echt flink trappen. Het was eigenlijk net iets te hard voor mij. Ik kon nog moeilijk een gesprek gaande houden, het was steeds meer ja of nee en ik voelde mijn benen langzaam verzuren. Maar ik trapte door. ‘Trainingsmomentje’ dacht ik bij mezelf en gaf nog een beetje meer.

Ik kwam niet meer in mijn ritme.

Mijn lief kreeg het in de gaten. Vroeg bezorgd ‘gaan we niet te hard voor je?’ en vertraagde zijn tempo. Maar het was te laat. Ik was zo hard van start gegaan en was te lang te hard door gereden. Ik kwam niet meer in mijn ritme. De rest van de rit was het zwoegen en zoeken. Eenmaal thuis was ik helemaal kapot. Zelfs iets over verhit. Ik was over mijn eigen grens heen gegaan. Ik was een beetje misselijk, kreeg het koud en voelde me niet lekker. Bij grote inspanning, te warm kleden en langdurig veel van je lichaam vragen, kan je oververhit raken. Dan kan je lichaam zijn warmte niet kwijt. Het is belangrijk om dan af te koelen. Rust te nemen en veel te drinken.

Gisteren deden we dezelfde rit nog eens. Heel bewust vetrok ik deze keer veel langzamer. We hielden een tempo aan van 26 gemiddeld. Ik heb mijn versnelling een tandje terug geschakeld. Nu fietste ik 1 tand lichter dan dat ik kon. Ik heb de neiging, een echte beginnersfout, om te zwaar te fietsen. Ik zocht in die versnelling een lekker tempo en dat hield ik aan. Dat ging goed. Ik had veel meer energie. Verdeelde mijn energie veel beter. Binnen de route reed ik een paar stukjes even lekker hard, gewoon voor de lol. Maar dan ging ik weer terug naar mijn basis- tempo. En dan draaide ik weer lekker rond.

Jouw basis tempo.

In de wereld van de professionele fietsers is het zoeken naar het basis tempo een ware wetenschap geworden. Ze meten het wattage van het trappen, zoeken naar de juiste versnelling en weten precies hoe lang ze welk tempo, met welke trap frequentie en vermogen, vol kunnen houden. Daar kan een fietsfan als ik van leren. Want blijkbaar is er zoiets als jouw ideale tempo. Jouw wattage, jouw snelheid. Zit je daaronder, dan ben je niet aan het sporten, maar aan het gezellig doen. Zit je daarboven, kan je over je grens gaan en oververhit raken. Ik heb een wijze les geleerd. Rustig aan beginnen is belangrijk. Voelen of je nog in het juiste tempo zit, net zo belangrijk. Misschien moet je soms over je grenzen heen om te weten waar ze liggen.

Volledig scherm
© Gabrielle van Klooster

Blogs