Volledig scherm
Rinus van Wezel in Tanzania waar hij de plaatselijke bevolking hielp bij het opzetten van maïsteelt. Dit project werd echter geen succes.

Het boerenhart is altijd blijven kloppen

In de rubriek Van Bergse Bodem vroegen we ons vorige week af wie toch die Rinus van Wezel is, van die leuke filmpjes op YouTube en die aardige stukjes op dichtbijbergenopzoom.nl. Een dag later meldde hij zich en maakten we een afspraak voor een nadere kennismaking.

Eens in de week zet Rinus van Wezel (70) uit Bergen op Zoom zijn bril af en een boerenpet op. Om vervolgens plaats te nemen voor zijn filmcamera, die hij met de afstandsbediening bedient, waarna hij onder het pseudoniem Merijntje en in Halsters dialect een praatje afsteekt. Vrijwel altijd over een agrarisch onderwerp. "Meestal pak ik iets uit het nieuws waar ik dan vanuit het perspectief van een boer commentaar op lever.



Ik praat een paar minuten en daarna plaats ik het als filmpje op mijn eigen YouTube-kanaal. Ik doe dat nu zo'n jaar of drie, de ene week met mijn kantoor als decor, de andere week met het bosje op mijn stukje land op de Bremberg in Halsteren als achtergrond. Ik maak ook andere filmpjes, bijvoorbeeld van boeren die aan het werk zijn. Daar ben ik mee begonnen toen ik met pensioen ging."



Met penisoen is eigenlijk een understatement. Van Wezel is na zijn 65e gewoon doorgegaan met wat hij voor die tijd als landbouwjournalist ook al deed: berichten over de agrarische sector. Als boerenzoon uit Halsteren - zijn ouderlijk bedrijf was boerderij De Ooievaar aan de Waterstraat - was hij voorbestemd om boer te worden.



Na de mulo en de middelbare landbouwschool kwam hij bij zijn vader in het bedrijf, maar de boerderij was toen eigenlijk al te klein om er voor twee gezinnen de kost op te verdienen. Dus ging hij, toen hij trouwde, een baan zoeken. Zijn eerste job was secretaris/penningmeester en vormingsleider bij de Noord-Brabantse Maatschappij van Landbouw, de neutrale tegenhanger van de katholieke NCB, maar inmiddels net als de NCB opgegaan in de ZLTO.



"We hadden toen nog een kantoor in Zevenbergen. Dat was ook mijn werkplek. Ik vergeet nooit mijn eerste dag. 'Ga je eerst maar wat inlezen', zeiden ze. Maar lezen was iets waarvan ik gewend was dat je dat 's avonds in je eigen tijd deed. Niet overdag, dan moest er gewerkt worden."



Een paar jaar later kon hij een baan krijgen bij een landbouwontwikkelingsproject in Kenia. "Dat lag midden in de bushbush. In de regentijd kon je er alleen met een vliegtuigje komen, maar ik heb er een geweldig mooie tijd gehad. Op tien minuten rijden van ons huis, reed je al tussen de olifanten."



Vanwege de kinderen ging Van Wezel na acht jaar terug naar Nederland, waar hij toen een baan kon krijgen als redacteur van het weekblad van de landbouworganisatie ZLM in Goes. Daar kenden ze hem al van zijn columns die hij vanuit Kenia onder het pseudoniem 'schrijfkouter' schreef. "Schrijven was me niet vreemd. In mijn jonge jaren ben ik nog correspondent geweest van De Stem en het Brabants Nieuwsblad. Dat was in de tijd dat mijn vader wethouder was in Halsteren. Die wist natuurlijk heel veel van de gemeente. Vaak was dat vertrouwelijk, daar mocht ik dan niet over schrijven, maar soms glipte er wat door en had ik een mooi primeurtje."



Het buitenland bleef echter kriebelen en na een paar jaar ging Van Wezel weer terug naar Afrika, nu naar Tanzania. Dit keer bleef hij 2,5 jaar. "We hadden onze kinderen achtergelaten op een internaat in Nederland. Dat was niet goed. Wij misten hun te veel, zij ons. Bovendien werd het project waar ik voor uitgezonden was, een mislukking."



Weer terug in Nederland kon Van Wezel opnieuw als landbouwjournalist aan de slag, nu bij het maandblad Plattelands Post. Eerst in loondienst, later heeft hij dat blad in eigen beheer uitgegeven. "Moest ik ook zelf de advertenties werven. Daar hield ik al rekening mee bij het schrijven van mijn artikelen. Maakte ik een reportage over een boerenbedrijf en vroeg ik de boer welk merk trekker hij had en of dat beviel.



Zo ja, dan belde ik de importeur, bijvoorbeeld New Holland, of ze een advertentie bij het artikel wilde plaatsen. Meestal deden ze dat wel. Toen was dat in journalistiek Nederland nog volstrekt not done, maar daar heb ik me nooit iets van aangetrokken. Per slot van rekening moest ik met dat blad wel de kost verdienen. Nu werken trouwens veel bladen zo."



Toen hij rond zijn zestigste een mooie prijs voor zijn maandblad kon krijgen, verkocht Van Wezel het aan een uitgeverij in Leeuwarden. Hij is er echter wel altijd artikelen voor blijven schrijven en af en toe doet hij dat nog weleens. "Vorige week ben ik nog voor ze op reportage geweest voor een onderwerp waar ze zelf geen tijd voor hadden."



Hij schrijft ook nog wel voor andere bladen, maar sinds zijn pensionering is Van Wezel toch vooral actief op internet: met zijn filmpjes op YouTube, maar ook met bijdragen op allerlei nieuwssites, waaronder die van lokale website van BN DeStem: dichtbijbergenopzoom.nl.



Twitteren doet hij niet, maar verder maakt hij optimaal gebruik van de nieuwe sociale media op internet. Eigenlijk best opmerkelijk voor iemand van zijn generatie. "Dat heb ik te danken aan een advertentie-aquisiteur. Die heeft me al vroeg, ver voor iedereen ermee werkte, wegwijs gemaakt op de computer. Zelf geloofde ik er toen ook niet in, maar hij wist me ervan te overtuigen dat de computer een onmisbaar hulpmiddel zou worden. En inderdaad, nu kun je niet meer zonder."



Een paar jaar geleden is hij samen met een van zijn zoons nog eens terug geweest naar Kenia. "Ze kenden me nog. 'Hé, daar heb je onze white man weer', riepen ze."

Volledig scherm
Een keer in de week zet Rinus van Wezel zijn bril af en zijn boerenpetje op om als Merijntje op een You Tubefilmpje zijn commentaar op het nieuws te geven. En dat dan in sappig Halsters dialect. ;Een keer in de week zet Rinus van Wezel zijn bril af en zijn boerenpetje op om als Merijntje op een You Tubefilmpje zijn commentaar op het nieuws te geven. En dat dan in sappig Halsters dialect.
Volledig scherm
Een paar jaar geleden ging Van Wezel nog een keer terug naar zijn eerste ontwikkelingsproject in Kenia. 'Hé, daar is onze white man, riepen ze.' ;Een paar jaar geleden ging Van Wezel nog een keer terug naar zijn eerste ontwikkelingsproject in Kenia. 'Hé, daar is onze white man, riepen ze.'

In samenwerking met indebuurt Bergen op Zoom