Blakend van het zelfvertrouwen meldde de Walchenaar zich op zondag 15 maart 1998 bij de inschrijftafel in de raadzaal van het Sluise belfort. 'Het wordt tijd dat er eens een Nederlandse naam bovenaan de erelijst komt', gaf Vermeule te kennen na louter Vlaamse zeges sinds het begin van de Zwinstedenloop in 1994.
En zo gebeurde het ook. Na zo'n tien kilometer liep de meervoudig Nederlands kampioen halve marathon definitief weg bij de Belgen Marnix Goegebuer (drievoudig winnaar) en Ligneel, zijn rivaal van 1997. En passant pakte Vermeule het parkoersrecord van Ligneel af. Hij scherpte het aan tot één uur vier minuten en 31 seconden.
Die tijd staat nog steeds. Het was niet Vermeules allersnelste halve marathon. In 1993 klokte hij tijdens de City-Pier-City-loop in Den Haag een tijd van 1.01.56. ,,Toen was ik echt in de kracht van m'n leven. Die tijd in de Zwinstedenloop is daarom best wel netjes. Anders was hij allang een keer verbeterd."
De omstandigheden in de Zwinstedenloop van 1998 waren ideaal. Niet te warm, niet te koud en nauwelijks wind. ,,Ook het bijna vlakke en bijna geheel geasfalteerde parkoers was niet al te lastig. Goede omstandigheden dus om snel te lopen. Het was ook een lucratieve dag. Ik kreeg geloof ik honderd gulden omdat ik won en nog eens tweehonderd gulden omdat ik het parkoersrecord had verbeterd." Dat Vermeule (48) eind jaren negentig in Sluis, waar volgende week zondag de 17e Zwinstedenloop op het programma staat, terechtkwam was niet geheel toevallig. De organisatoren wisten hem te strikken tijdens de Oostende-Brugge Ten Miles, een wedstrijd die traditiegetrouw de eerste zondag van maart wordt gehouden en waar hij in 1997 en 1998 won. ,,Ik kende daar de organisator. Die jongens van de Zwinstedenloop waren er ook. Mijn komst was toen snel beklonken."
In 1998 voltooide Vermeule een trilogie, want hij won achtereenvolgens de Oostende-Brugge Ten Miles, de halve marathon van Torhout en de Zwinstedenloop. ,,Die wedstrijden maakten toen deel uit van een regelmatigheidscircuit. Ik wilde daarop goed presteren. Het was ook een goede voorbereiding op de City-Pier-City-loop en de marathon van Rotterdam."
Aan het eind van jaren negentig werd duidelijk dat een aflossing van de wacht in het Nederlandse langeafstandslopen aanstaande was. Vermeule, nog altijd de enige Nederlandse winnaar in Sluis, heeft daar nooit moeite mee gehad. Hoewel zijn overwinningen in Nederlandse klassiekers zoals de Bredase Singelloop (1988), de 20 van Alphen (1988), de marathon van Maassluis (1989, in een persoonlijk record van 2.12.22) en de marathon van Eindhoven (1990) diep in zijn geheugen gegrift staan, kijkt hij er niet met veel weemoed op terug. ,,Je weet dat het een keer over is. Het ging bij mij vrij geruisloos. Omdat ik het marathonlopen en in feite ook de echte topsport er aan had gegeven, hoefde ik niet per se meer de sterke tegenstanders op te zoeken in de grote wedstrijden. Dan kom je dus in een ander circuit terecht."
En dat beviel Vermeule goed. De druk van de enorme trainingsarbeid voor de marathon was verdwenen. ,,Wat mij ook aansprak was dat ik nu veel vaker vlak in de buurt kon meedoen. Voordien pasten die wedstrijden niet in mijn schema. Het plezier was er zeker niet minder om. En ik wilde nog net zo graag winnen als vroeger. In 1999 schreef ik zelfs de Zeeuwse crosscompetitie op m'n naam, terwijl ik daar eerder nauwelijks belangstelling voor had. De Zwinstedenloop is ook zo'n voorbeeld. Zeker voor Zeeuwse begrippen is het in alle opzichten een topevenement. Toen ik in '97 werd geklopt, was ik er op gebrand om een jaar later wel te winnen. Ik leefde er echt naar toe."
Trainen en hardlopen doet John Vermeule, wegens zijn tempogevoel ook wel Mister Chrono genoemd, al een jaar of negen niet meer.
Achtereenvolgens een rug- en achillespeesblessure gooiden roet in het eten. ,,Vorig jaar heb ik het hier in Middelburg weer eens geprobeerd in de Singelloop. Het werd helemaal niks. Jammer, want het begon weer te kriebelen."























