Daarmee gaven de Bredase mannen een goed vervolg aan het wervelende optreden tegen VVV (8-1) vorige week. De twee zeges waren nodig ook. De competitie werd na de winterpauze, waarin topscorer en strafcornerkanon Jorgen Kwinkelenberg (gisteren aandachtig toeschouwer) uit het team verdween, hervat met twee remises tegen de laagvliegers Oss (3-3) en Tempo'41 (2-2). "Het was wennen zonder Jorgen. Er stond meer druk op die jonge gasten. Jorgen was iemand die altijd de bal opeiste en continu op zoek was naar de corner. Nu zit er meer variatie in ons spel", analyseerde Van der Most na afloop.
De Bredase overgangsklasser is getransformeerd tot een frivool, onberekenbaar en soms onsamenhangend team. Alle goede en slechte eigenschappen kwamen gistermiddag tot uiting.
Na een 4-0-voorsprong werd in het laatste kwartier, hoe onwerkelijk ook, de wedstrijd bijna weggegeven. In een tijdsbestek van amper een paar minuten werd Push-doelman Tim Conrads gepasseerd door Jasper de Waal met een fraai backhandschot en Wouter Otto via een strafcornerrebound. Diezelfde Otto zag daarna nog een inzet net naast het doel gaan.
Het zou te veel van het goede zijn geweest en het spelbeeld onrecht hebben aangedaan. Push was heer en meester tegen de bezoekers uit Uithoorn, voorafgaand aan het duel vijfde in de overgangsklasse B. Nadat eerst Maarten van Beers na drie minuten zijn inzet voorlangs zag gaan, opende Pepijn van Baal met een hard schot na zeven minuten de score.
Het duurde tot vlak voor rust dat de thuisploeg de marge verdubbelde. Na een prima interceptie van de op blauwe kicksen spelende Van Baal, zijn jongere broertje hield het bij de kleur groen, werd Thijmen Bantje bereikt die met een harde inspeelbal Van Beers in staat stelde te scoren, 2-0. Een oogwenk later hulde Bantje zich opnieuw in de rol van aangever alvorens hij Sandor Pekaar in staat stelde de wedstrijd te beslissen.
In de tweede helft maakte Pepijn van Baal zijn tweede van de middag en zijn zevende van het seizoen. Met een prima kapbeweging en dito passeeractie ontworstelde hij zich van de verdedigers van Qui Vive, 4-2.
























