Lotte Goosen, vorig jaar nog gehuldigd als sportvrouw van het jaar in Etten-Leur, is een van de troeven van zwemvereniging DIO uit Etten-Leur. archieffoto Visumar/het fotoburo
- Wat valt er nog te winnen of te verliezen?
Hutten (SBC2000, 9e op 235 sec. van de nummer 5): "Niet veel. Honderd seconden is al veel om te overbruggen. We gebruiken deze wedstrijd om enkele van onze beste zwemmers nog een keer hun favoriete afstand te laten zwemmen met het oog op het NK."
Stadhouders (DIO, 14e op 425 sec. van de nummer 5): "We moeten het wel heel slecht doen willen we degraderen. Eindigen in de middenmoot is voor ons al mooi. De uitdaging is nog op te klimmen naar de 9e plek, waar we vorig jaar geëindigd zijn."
Besselink (De Warande, 18e, 247 sec boven de nummer 26): "We verwachten zeker geen degradatie, maar het zou zo maar kunnen dat we nog een of twee plekken zakken. Temeer omdat twee van onze beste zwemmers er niet bij zijn."
- Van wie verwacht je zondag nog het een en ander?
Hutten: "Robert Groot, Maya Kingma en Claudia den Ottelander. Een aantal van onze beste zwemmers zal er overigens niet bij zijn vanwege familieomstandigheden."
Stadhouders: "Met de 200 meter vlinderslag, staat er voor zowel de mannen als de vrouwen zondag een zwaar nummer op het programma. Van Paul Koster en de 40-jarige Anita Smits verwachten we dat ze de kracht hebben om een goede tijd neer te zetten. Lotte Goosen zwemt momenteel ook prachtige tijden.
Besselink: "Robin Lefeu, Carmen Koper, Gerben Fiere en Giel van Dijk zijn sterke zwemmers die op veel afstanden uitkomen."
- Ben je tevreden over de competitie tot nu toe?
Hutten: "Ja, want onze doelstelling was handhaving. We zitten nog in de opbouwfase. Voor mooie resultaten moeten we in iedere leeftijdsklasse goede zwemmers hebben. Dit seizoen hebben we ook de pech gehad dat een aantal van onze topzwemmers te kampen had met de ziekte van Pfeiffer."
Stadhouders: "Wij zijn zeker tevreden. De verwachting was niet dat we zo hoog zouden eindigen. We hadden een goede bezetting in alle leeftijdsklassen, terwijl we daar vooraf onze twijfels over hadden."
Besselink: "We hoopten bij de eerste vijftien te eindigen, dus een 18e plaats valt wat tegen. Deze competitie zijn de vervangende tijden aangescherpt. Dat speelt ons parten."























