Tom Boonen is vandaag de grote publiekstrekker van de Sluitingsprijs Putte-Kapellen. foto Wouter Borre
WIELRENNEN - Nee, de Sluitingsprijs Putte-Kapellen is veel meer dan een
kermiskoers. Eddy Carpentier zegt het met droge ogen. "We zijn
eigenlijk meer zoals het WK, hè. De rondes zijn hier even lang als daar.
Alleen rijden we er een paar minder."
Vandaag wordt het 'WK van de grensstreek' voor de 75e keer gereden. En het
zal in 'Put' opnieuw zwart zien van de mensen.
"Het wordt
goed weer en Tom Boonen staat aan de start. Ik reken op zeker 40.000
bezoekers", zegt Carpentier.
De beminnelijke Vlaming viert
zelf ook een jubileum. Hij is 25 jaar secretaris van de Sluitingskoers. Een
kwarteeuw waarin hij de aanvankelijk nationale wedstrijd uit zag groeien tot
een officiële UCI-koers. Eerst met een waardering van '1.5', maar sinds de
komst van de ProTour in 2005 is de Sluitingprijs een 1.1-wedstrijd in de
Continentale Europe Tour. "En daardoor wordt het ieder jaar moeilijker
om ploegen uit de ProTour aan de start te krijgen", zegt Carpentier.
Het publiek lijkt zich er niet aan de storen. De Sluitingkoers trekt steevast
dertigduizend bezoekers. Met de combinatie van de plaatselijke kermis is het
zelfs dé kermiskoers bij uitstek, de uitleg van Carpentier over het WK ten
spijt.
"Maar wij staan veel hoger aangeschreven dan zo'n
doorsnee kermiskoers met veel kleinere rondes", haast Carpentier zich
te zeggen. En hij wijst op de erelijst waarop grote namen staan als Eddy
Merckx (winnaar in 1967) en Herman van Springel (1976).
Recordhouders met drie overwinningen zijn Frans van Looy (1974, 1977, 1979)
en Adrie van der Poel (1983, 1986, 1987). "Ja, d'n Adrie. Die kwam
eigenlijk van hier, hè (Hoogerheide, JM). En die reed altijd erg goed"
, zucht Carpentier.
De eerste Sluitingsprijs werd in 1925 verreden
als afsluiting van het Belgische wielerseizoen. Dat bleef de koers, die
alleen tijdens de Tweede Wereldoorlog verschillende jaren niet werd
gehouden, altijd. Pas in de jaren zeventig kreeg de wedstrijd zijn vaste
finish in de Ertbrandstraat.
Een deel van de wedstrijd voert
traditiegetrouw over Nederlands grondgebied. Dat is vandaag de dag geen
punt, maar in het verleden moesten eigenlijk alle ploegleiderswagen steevast
worden gecontroleerd door de douane.
Carpentier: "Dat
gebeurde natuurlijk nooit. De douane heeft de grens voor ons wel eens
honderd meter opgeschoven. Ik geloof niet dat ze dat in Brussel of Amsterdam
ooit hebben geweten."
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.


zie ook: 




















