AUTOSPORT - De strijd zal heviger zijn en de spanning groter. Zondag gaat het Formule 1-circus weer van start met de GP van Bahrein. Een handvol regelaanpassingen, met name het verbod op bijtanken, heeft ingrijpende gevolgen voor de snelste autosportklasse.
Een overzicht van hoe de veranderingen in 2010 zichtbaar worden in
kwalificatiesessies, de races, het kampioenschap en aan de racebolides zelf.
AUTO
Bijtanken tijdens de race is niet meer toegestaan. Dit
inmiddels veelbesproken verbod heeft als logisch gevolg dat de auto's in
2010 een veel grotere tank hebben. Alle benzine voor de hele race moet
immers mee aan boord.
In plaats van 80 liter gaat er nu zo'n 250
liter brandstof in de langere en hogere tank.
Verder zijn de
voorbanden dit jaar smaller, 245 millimeter in plaats van 270 millimeter.
Die versmalling zorgt uiteraard voor minder grip op het asfalt.
Het vorig jaar geïntroduceerde KERS - het opvangen van remenergie en dat met
één druk op de knop omzetten in extra snelheid - zien we niet terug. Het
Kinetic Energy Recovery System is legaal in 2010, maar de teams zijn het
eens dat de ontwikkeling voor veel F1-stallen te duur is. Niemand rijdt er
mee.
KWALIFICATIE
De strijd om pole position was
vaak een strategische. Voorgaande jaren werd na een razendsnelle
kwalificatieronde meestal gevraagd: hoeveel brandstof heeft hij nog aan
boord om de race te starten? Immers, de benzine uit de laatste
kwalificatiesessie ging mee de race in.
Dat is verleden tijd,
omdat iedereen de kwalificatie met zo min mogelijk brandstof rijdt en de
race vervolgens start met een volle tank. Weinig strategie dus en heel veel
snelle rondes tijdens de drie kwalificatiesessies.
Na de eerste
(20 minuten) en de tweede sessie (15 minuten) vallen dit jaar de zeven
langzaamste rijders af.
Veertien van de vierentwintig plekken op
de startrij zijn dan vergeven. Een zeer opmerkelijk nadeel dat de
overgebleven tien snelste coureurs hebben, is dat ze de race moeten starten
met de gebruikte banden van de laatste tien minuten durende
kwalificatiesessie. De achterhoede mag echter starten op nieuwe, dus betere
banden.
RACE
Het herintroduceren van tankstops in
1994 werd door insiders gezien als een van de grootste missers ooit in de
Formule 1.
Races werden de afgelopen jaren te vaak gewonnen in de
pitstraat en als saai bestempeld. Het uitdokteren van een winnende strategie
- één stop en veel benzine aan boord, of twee of drie stops met veel minder
brandstof - was op de racedag het belangrijkste. Dat is allemaal voorbij,
inhalen moet weer óp de baan gebeuren.
De enige strategie die
overblijft, heeft betrekking op de banden. Coureurs moeten zowel een set
harde als zachte banden gebruiken, één bandenstop is verplicht. Verder komt
het er tijdens de wedstrijd vooral op aan hoe goed de rijders omgaan met de
drastische gewichtsafname als gevolg van het leegrijden van die volle tank.
Die is goed voor liefst 180 kilogram benzine, voorheen was dit ongeveer 60
kilo. De balans van de auto verplaatst daardoor tijdens de race sterk van
achter naar voor, waardoor de bolide nooit hetzelfde reageert.
KAMPIOENSCHAP
Een toegejuicht besluit, waar al jaren om werd
gevraagd, is het veranderen van de puntentelling voor het kampioenschap.
Voortaan krijgen niet de eerste acht, maar de eerste tien rijders punten. In
volgorde: 25, 18, 15, 12, 10, 8, 6, 4, 2, 1. Die waardering was jarenlang
10, 8, 6, 5, 4, 3, 2, 1.
Een simpele rekensom leert dat winnen dus
vele malen aantrekkelijker is geworden. De order 'gecontroleerd naar de
tweede plek rijden' zal geen teambaas waarschijnlijk meer geven.
Met het verhogen van het aantal rijders dat punten wint, blijft het
F1-kampioenschap bovendien langer spannend en wordt het zelfs voor de nieuwe
en minder presterende teams aantrekkelijk.



Sorteer reacties
















