Fatih Kamaci (midden) is de verdediging van Dijkse Boys weer eens te snel af. De aanvaller van Dongen scoorde afgelopen zondag maar liefst vier keer in de met 6-1 gewonnen uitwedstrijd van de dit keer in het rood gehulde 'Kanaries' in Helmond. foto Jeffrey Oomens
ZONDAG HOOFDKLASSE B - Fatih Kamaci heeft in Dongen de liefde van zijn leven gevonden. Hij trouwde er zijn Sophie, ging er samen met haar wonen en binnenkort verwachten de twee de geboorte van hun eerste kind. Ook op het voetbalveld gaat het de 22-jarige middenvelder in zijn derde jaar bij de geelblauwe hoofdklasser nog altijd voor de wind.
De bewierookte Turk is als aangever betrokken bij tachtig procent van de doelpuntenproductie van de nummer twee en vanaf de penaltystip neemt hij steeds zijn verantwoordelijkheid.
Maar toch, toch knaagde er al weken iets diep van binnen bij het in Waalwijk geboren en opgegroeide voetbaldier. "Begrijp me goed: ik geniet van al die assists, maar zelf scoren is toch iets anders." Hij zegt het met de glunderende ogen van een E-pupil.
Sinds zondag knaagt het niet meer bij Kamaci. Hij is verlost van een kwelling. Liefst vier keer scoorde hij in het de 1-6-gewonnen uitwedstrijd bij Dijkse Boys. Daaronder drie velddoelpunten, waarvan de eerste in zijn ogen de mooiste was. "Larry (van Ommen) 'stak me' vrij voor de keeper en met een stiftje over hem heen scoorde ik." Dat moment zit nog altijd in zijn frêle lijf. "Scoren geeft toch een heel ander lekker gevoel dan een assist. Ik had al wel gescoord uit strafschoppen, maar ook dat is anders. Een velddoelpunt is het mooiste. Het geeft me vertrouwen." Vertrouwen? Ontbreekt het de man die al drie seizoenen lang op een constant hoog niveau voor Dongen de belangrijkste speler op het veld is, aan zelfvertrouwen? "Ik heb het nodig, ja, ook al weet ik hoe belangrijk al die assists zijn. Op teletekst lees je alleen nooit wie de aangever was, wel wie er heeft gescoord."
Het is echter niet alleen ijdelheid waar de schoen wringt. Hoeveel Kamaci ook is gaan houden van Dongen, als voetballer wil hij nog altijd de wijde wereld intrekken om prof te worden. "Als je scoort, val je nu eenmaal meer op bij de profclubs", zegt hij met een blik van 'begrijp je me nu een beetje'.
Het feit dat hij drie seizoen geleden bij RKC te horen kreeg dat hij niet goed genoeg was voor de eredivisie, doet hem nog altijd pijn. "Vanaf de jeugd liep ik constant een jaar voor op mijn leeftijdsgenoten. Altijd was het goed."
Inmiddels heeft hij het een plek kunnen geven. "Het moet je ook gegund worden, weet ik nu." Afgelopen zomer liep hij nog stage bij Willem II, Den Bosch, Helmond Sport en RBC. "Ik kon beginnen op amateurbasis. Sorry, maar ik heb nu wel een gezin te onderhouden. Ik heb betaald werk nodig." Het geloof in eigen kunnen is nog onaangetast, bezweert hij. "Dat was de winst van al die stages. Het is niet netjes om over jezelf te oordelen, maar ik liep daar tussen jongens, voor wie ik niet onderdeed." Opgeven zit ook niet in zijn karakter. Dat maakt hem ook nog altijd een van de opvallendste spelers in het amateurvoetbal. "Ik begrijp wat je bedoelt", reageert hij op de vraag waarom dat bij zoveel andere jongens - die zijn afgevallen in de jeugdopleiding van een profclub - niet het geval is. "Ze nemen het bij de amateurs iets te gemakkelijk op. Ik ben van het type dat speelt zoals hij traint. En dat is altijd zo scherp mogelijk. Alleen dan kun je beter worden." Ook bij Deurne zijn ze gewaarschuwd. Zondag komt daar een Kamaci op bezoek die altijd assists en goals nodig zal hebben om het gevoel te krijgen dat hij ooit een echte kans krijgt in het betaalde voetbal.


















