Paul en Henriëtte van Tatenhove van hotel-restaurant Zeeland op Tholen. foto Chris van Klinken/het fotoburo
Het oogt er wat donker, maar eenmaal bevalt. Hotel-restaurant Zeeland op Tholen er goed mee door.
Zie ook:
Belgen gaan erheen voor de visspecialiteiten.Het oogt er wat donker, maar eenmaal bevalt Hotel-restaurant Zeeland op Tholen er goed mee door. Belgen gaan erheen voor de visspecialiteiten. We twijfelen even. Weliswaar staat de voordeur van Hotel Zeeland uitnodigend open, maar op de dichte tussendeur staat de waarschuwing 'personeel, denk aan het alarm'. Van buiten af oogt het binnen bovendien nogal donker. Gesloten? Waar is de gastenentree?
We ontwaren beweging. Een meneer komt ons tegemoet en opent de tussendeur. Het blijkt de in trui gestoken hotelier, die ons 'natuurlijk' van harte welkom heet. 'U bent hier goed'.
Nog is het donker in het meer dan honderd jaar oude pand. Via een route door een café-achtig gedeelte, langs een groot homarium met - uiteraard - levende kreeften, belanden we uiteindelijk in de restauranthelft van hotel Zeeland. We nemen plaats aan het raam, met uitzicht op de dijk die het stadje Tholen scheidt van de haven.
We knipperen even later met onze ogen als dezelfde meneer in koksbuis aantreedt en ietwat paniekerig meedeelt dat hij de vrouw des huizes zoekt. Die is om boodschappen, maar zou vóór de lunch echt terug zijn.
Het komt allemaal een beetje over als die geweldige Engelse serie Fawlty Towers met John Cleese. We hebben er plezier om.
De gastheer beent met zijn telefoon door de wat oubollig ingerichte zaak. Hoorbaar maant hij zijn echtgenote tot spoed. Intussen zoekt hij vertwijfeld naar de wijnkaart. Want al is hij dan zichtbaar niet van de bediening, hij wil ons natuurlijk wel ter wille zijn.
Op die wijnkaart ontwaren we een pinot blanc van het vermaarde Elzasser huis Hugel, voor een schappelijke prijs. Laat die nu net uitverkocht zijn. De chef blijkt gul, voor dezelfde prijs trekt hij een fles riesling van hetzelfde huis open.
Ha, daar arriveert zijn eega. Tot aan het eind van de maaltijd zullen we de chef niet meer aan onze tafel terugzien. Hij verschanst zich in de keuken, en het wordt zowaar nog onverwacht druk op deze winderige dag. Naast ons schuiven vier franstalige Belgen aan en elders in de zaak vinden ook nog vier gasten een plek.
Als voorgerechten kiezen we voor de 'rijk gevulde vissoep met al het lekkers dat de zee te bieden heeft' en kokkelkroketjes. Apart! De romige soep is zeer rijkelijk gevuld met Hollandse garnalen, gamba's, witvis, mosselen. Opvallend is de portie. De soepkom heeft bijna de maat van een soepterrine. Mijn tafelgenote is blij dat ik aanbied ook wat van de soep te proeven. Zo gaat dat gelukkig vaker.
Die kokkelkroketten zijn overigens prima. Geserveerd met enkele uit de schelp gehaalde kokkeltjes en gefrituurde peterselie - en zo hoort het. Het fantasieloze slaatje erbij - we draaien er maar niet omheen - laat bepaald niet de sterkste kant van de kok zien. De komkommerschijfjes zijn compleet uitgedroogd. Het bruine brood dat erbij wordt geserveerd met kruidenboter, is 'opgepiept'.
We zien de chef dan wel niet meer aan tafel, we zien hem wel de straat oversteken en met een bak champignons terugkeren. Een goede buur is beter dan een verre concurrent, blijkt de praktijk op Tholen. Kennelijk is de eigen voorraad niet toereikend.
Mijn hoofdgerecht wordt de 'Vangst van de dag' met een bijpassende saus. De vangst behelst vandaag twee kleine en nogal droge filetjes van tong, met gamba's. De kreeftensaus en beurre Blanc zijn prima. De stukje vis liggen op een bergje hutspot. Ook komen gebakken aardappeltjes op tafel. Het is allemaal nogal veel en zwaar.
De mosselen van mijn tafeldame zijn fors en prima van kwaliteit. Gekookt in bier en veel verse groenten en kruiden. De mosselsaus is lekker. Het bakje salade is een kopie van de sla die bij het voorgerecht als garnituur dienst deed: matig dus. En er komen frites bij, uiteraard met mayonaise.
Ik kan een dessert niet weerstaan: 'Dronken visserman', i'js met advocaat en boerenjongens. Ook nu weer een portie waar je stil van wordt.
We maken een praatje met de gastvrouw, die vertelt dat het vooral Belgen zijn, vaak duikers, die de weg naar de Kaai weten te vinden. Die komen veelal op zon- en feestdagen en in het zomerseizoen, vooral voor de visspecialiteiten, kreeft en fruits de mer en mosselen, maar weten in de winter ook de wildkaart te waarderen.
Wij zijn voor de vis gegaan, hebben niet slecht gegeten, maar ook niet bovenmatig goed. Daarvoor hadden we toch te veel kritiekpunten. Gelachen hebben we wel, en dat is toch ook belangrijk. In het weekeinde waarin bijna heel Brabant carnaval viert, kan de anti-carnavalist uitstekend terecht op Tholen. Daar zijn ze wars van dolle dagen en verkleedpartijen. Al houd je niet van carnaval, je wilt natuurlijk wel wat te lachen hebben in het leven.
Een ruime voldoende is het eindoordeel.
Geef uw mening over dit restaurant op www.bndestem.nl/eten
Daar staan meer eetrecensies
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.



Sorteer reacties
















