Rien Ogier neemt binnenkort afscheid als voorzitter van de monumentencommissie, die wordt samengevoegd met de welstandscommissie. 'Ik ben altijd graag naar Roosendaal gekomen.'foto Edmund Messerschmidt/het fotoburo
Het aantal leden van de beide commissies wordt teruggebracht van twaalf naar vijf.
Voorzitter Rien Ogier van de monumentencommissie vreest dat daardoor de deskundigheid van de huidige monumentencommissie verloren gaat en dat dit ten koste kan gaan van de zorg voor het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed in de gemeente Roosendaal.
Rien Ogier, 78 jaar, architect en wonend in Oisterwijk, is sinds de oprichting van de commissie in 1990 als lid betrokken bij de advisering over de rijks- en gemeentelijke monumenten in Roosendaal.
"In de beginperiode was de wethouder voorzitter van de monumentencommissie, maar de onafhankelijkheid ten opzichte van het gemeentebestuur houdt in dat leden van het college van B en W en leden van de gemeenteraad geen lid kunnen zijn", aldus Rien Ogier, die de laatste vijf jaar voorzitter is geweest.
"In de commissie zit veel deskundigheid, zowel op het gebied van de restauratie van monumenten, architectuurhistorie, architectuur, monumentale boerderijen en echte Roosendaalse historische kennis. Vooral wat betreft dat laatste zijn het voormalige lid Jan van de Bouwhuyzen en het huidige commissielid Jan van Nassau gouden kerels. En vergeet de ambtelijke ondersteuning niet."
"We zitten in een ongunstige tijd en ik vrees dat het samenvoegen van beide commissies en de sterk verminderde vertegenwoordiging vanuit monumentenzorg in de nieuwe commissie consequenties zal hebben voor het behoud van het historisch karakter van Roosendaal."
Rien Ogier hoopt dan ook dat de heemkundekringen in Roosendaal en de kerkdorpen voldoende attent blijven.
Roosendaal heeft nu 68 rijksmonumenten en bijna driehonderd gemeentelijke monumenten waarvan er circa 150 in de laatste jaren uit een quick-scan werden geselecteerd, beschreven en aan het college van B en W voorgedragen voor een beschermde status bij de gemeente.
Rogier: "De eigenaren van de geselecteerde objecten werden vóór de voordracht zo volledig mogelijk geïnformeerd. Op een enkele uitzondering na zijn alle eigenaren akkoord gegaan met de beschermde status waarna hun pand kon worden gesierd met het schildje 'gemeentelijk monument'."
Jammer vindt Rien Ogier dat de monumentencommissie niet meer heeft kunnen bereiken dat bepaalde gebieden zijn aangewezen als 'gemeentelijk beschermd stadsgezicht', zoals onder meer de Markt en de Burgemeester Prinsensingel in Roosendaal en de Markt in Wouw.
De monumentencommissie was nauw betrokken bij het onderzoek van de begraafplaats aan de Bredaseweg en het plaatsen van deze begraafplaats op de lijst van gemeentelijke monumenten.
Ook adviseerde de commissie over de verplaatsing van het voormalig seinhuis op het spoorwegemplacement, de locomotievenloods en de herbestemming van delen van het stationsgebouw.
De commissie heeft altijd gesteld dat gevelterrassen nadelig zijn voor de beeldkwaliteit van de Markt en het aanzicht van verschillende monumentale panden.
Rogier: "Ik vind persoonlijk nog steeds dat de St. Jan de functie als centrale kerk voor Roosendaal had moeten behouden. Deze kerk is heel belangrijk voor de cultuurhistorische geschiedenis van Roosendaal. Zowel het gebouw als het interieur. Het monumentale orgel kan door akoestische voorzieningen niet meer klinken als voorheen, wordt daardoor niet meer gebruikt en dreigt verloren te gaan", stelt Rogier vast.
Hij besluit: "Ik ben altijd graag naar Roosendaal gekomen en heb steeds met heel veel plezier in de monumentencommissie kunnen werken."
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.
























