Cees de Bruijn voor het pand aan de Nieuwe Markt dat hij verlaat. Een oude auto bewaart hij als herinnering aan de mooie jaren in de Raadhuisstraat. foto Edmund Messerschmidt/het fotoburo.
Zijn opa Kees vestigde zich in 1908 in het pand Raadhuisstraat 85, toen nog aan de rand van de stad. "Hij is daar met een zadelmakerij begonnen. Een belangrijk beroep. Zeker in die tijd, want de boeren hadden nog geen tractoren. Op het land deden zij alles met paarden. Daarom waren de boeren in die beginjaren de belangrijkste klanten."
Na de Tweede Wereldoorlog verschenen langzamerhand de eerste sportattributen in de winkel. "Mijn opa maakte in die tijd zelf leren ballen. Door de oorlog was het moeilijk om ballen vanuit het buitenland te importeren. Het was echt crisis. Mijn opa en oma hadden het heel zwaar. Er kwamen minder klanten. Daarom is opa een tijdje gaan werken bij een bedrijf dat rijtuigen maakte voor de spoorwegen. Hij was bijna een heel jaar van huis. Alleen in de weekenden kwam hij naar Roosendaal. Oma runde verder de hele week de winkel."
Toen de eerste tractoren op de weilanden verschenen, haakten de boeren af. De zadelmakerij was niet langer meer winstgevend en ging uiteindelijk over in een lederwarenzaak.
Toine de Bruijn, de vader van Cees, kwam in de winkel, nadat hij enkele jaren als militair in Engeland had doorgebracht. "Mijn ouders gingen met lederwaren verder. Daarnaast was mijn moeder ontzettend handig in het repareren van spullen. Ze had daarvoor een goede opleiding gehad", zegt Cees de Bruijn. "Zo rolde de winkel onbewust weer in een andere business: het repareren van kapotte tenten. Niet veel later werden er ook tenten verkocht en kwamen er steeds meer artikelen bij die betrekking hadden op het kamperen. Ook de eerste voetbalkleding lag toen in de winkel. Ook die omschakeling kwam op een goed moment. Met de verkoop van lederwaren ging het wat minder."
In 1976 kwam Cees in de zaak en werd het accent steeds meer verlegd naar een echte sportzaak. Maar Cees moest daar van zijn vader wel iets nieuws aan toevoegen. Dat was de voorwaarde waarop hij mocht aansluiten in het familiebedrijf.
Het was in een tijd dat Cees eigenlijk nog met heel andere plannen rondliep. "Ik studeerde in Delft weg- en waterbouwkunde. Maar na de oliecrisis van 1973 zag ik dat niet meer zo zitten. Die studie heb ik nooit meer afgemaakt. Eigenlijk wilde ik ook helemaal niet weg uit Roosendaal. Als waterbouwkundige was die kans natuurlijk heel groot geweest."
Cees was in die tijd verloofd met ene Els uit Amsterdam. Die verkering raakte later uit, maar inmiddels is zijn oude liefde weer terug bij hem. Met haar ging hij een keer op zomervakantie in Oostenrijk. In het Zillertal zag hij voor het eerst van zijn leven bergen en skiliften. Indrukwekkend. In zijn gedachten beeldde hij zich in hoe het daar 's winters zou zijn.
Wintersportvakanties werden een steeds grotere hype onder de bevolking. Dus besloot Cees wintersportartikelen toe te voegen aan het assortiment. "Een gouden greep", zegt Cees bijna dertig jaar later. "Er was op dat gebied helemaal nog geen concurrentie in Roosendaal. Iedereen die iets van plan was in de sneeuw, kon niet om onze zaak heen."
Na het overlijden van zijn vader (1995), ging Cees alleen verder. Tot oktober 1997. Toen verhuisde hij naar de Nieuwe Markt, waarmee al een stukje romantiek van het familiebedrijf verloren ging.
"Maar ik moest wel", zegt Cees. "Voor de klanten werd het steeds lastiger om in de Raadhuisstraat voor de deur te parkeren. En in de nieuwe formule met Intersport hadden we een prima constructie. Misschien iets onpersoonlijker dan vroeger, maar tot 2005 heeft de winkel goed gedraaid. En toen kregen we die parkeergarage voor de deur."
Zijn moeder woont nog steeds boven de winkel in de Raadhuisstraat. Het is het enige dat Cees de Bruijn straks nog doet herinneren aan het familiebedrijf waarvoor geen opvolger is. "Het mooie aan het beroep heb ik altijd de omgang met mensen gevonden. Dat had mijn opa al, mijn vader ook en zo ben ik er ook ingestapt. Het gaf me veel voldoening om een lelijke ski weer zo goed als nieuw terug te geven aan de klant. De diepe en soms harde, zakelijke kant die bij een winkel hoort, zat bij geen van ons in het bloed."
Cees zou best opnieuw willen beginnen. In het klein, zoals toen. Maar het blijft een droom. "Want mijn verstand zegt dat we dat niet meer moeten doen. Daarom gebeurt het ook niet."


Sorteer reacties


















