René Duijvelaar: 'Ik steek een kaarsje op voor iedereen van wie ik denk dat het nodig is.' foto Jan van Zuilen
Industrieterrein Borchwerf in Roosendaal aan het eind van een gewone werkdag; overal haasten mensen zich in auto's en op een enkele fiets of scooter om zo snel mogelijk thuis te komen.
Eén man fietst op De Belder tegen de stroom in, hij slaat af naar de
Deurlechtsestraat, het weggetje naar de kapel op de Kapelberg. De man is
René Duijvelaar uit Roosendaal en hij doet dit al jaren.Elke dag na zijn
werk fietst hij naar het kapelletje op de Kapelberg om twee kaarsjes op te
steken bij het Mariabeeld. "Dat geeft me rust", zegt hij. Hij is
er, zegt hij, een paar jaar geleden mee begonnen, eigenlijk zonder speciale
reden.
"Dat was in de tijd dat ik ook weer naar de kerk begon te gaan. Ik denk
dat het bij mij net is gegaan als bij veel andere mensen van mijn generatie.
Als kind moest ik van mijn ouders naar de kerk, daarna kwam er een tijd dat
ik liever naar het café ging, maar of ik daar nu zoveel beter van werd?
Misschien is het ook wel een beetje boetedoening voor die tijd. Feit is dat
ik nu weer iedere zaterdagavond naar de kerk ga en trouw iedere werkdag mijn
kaarsjes op kom steken voor Maria. In het begin deed ik dat vooral voor
mezelf, nu doe ik het voor iedereen van wie ik denk dat hij of zij het nodig
heeft."
Duijvelaar is niet de enige die voor zijn zielenheil of dat van een ander naar
de Kapelberg komt. Op de dag van ons bezoek aan de kapel moet de meimaand
nog beginnen, maar toch branden er al heel wat kaarsjes en de daarvoor
bedoelde prikborden hangen vol met voor het merendeel handgeschreven
briefjes, ook in het Pools, met lieve, soms onbeholpen en af en toe ook wel
echt schrijnende smeekbedes.
De verering van Maria op de Kapelberg is volgens de overlevering begonnen met
een schipper die tijdens de St. Elisabethsvloed van 19 november 1421 met
zijn scheepje op de Striene in nood kwam. Hij beloofde Maria dat als ze hem
zou redden, hij een kapel voor haar zou bouwen op de plek waar hij vaste
grond onder zijn voeten zou krijgen. Dat zou dan bij de Kapelberg zijn
geweest.
Bewijzen hiervoor zijn echter nooit geleverd. Het verhaal van de schipper is
ook pas voor het eerst op papier verschenen in 1901.
Pikant is dat een soortgelijke legende ten grondslag ligt aan de Mariakapel in
Zegge.
Of het nu waar is of niet, de huidige kapel, die uit 1896 dateert, heeft er in
ieder geval een mooi, tot de verbeelding sprekend glas-in-loodtafereel aan
overgehouden.
Feit is wel dat er in de zestiende eeuw al sprake was van een Mariakapel op de
plek van de Kapelberg. Die is in 1648 afgebroken, maar zelfs in de donkerste
periode van de katholieke geloofsonderdrukking in de 17e en 18e heeft de
Kapelberg altijd aantrekkingskracht uitgeoefend op pelgrims. En dat doet ze
vandaag de dag dus nog.
Bij het maken van de artikelen voor de serie over bedevaartplaatsen in
West-Brabant is gebruikgemaakt van informatie van het Meertens-instituut.
Onderstaand webadres geeft toegang tot een databank van het
Meertens-instituut waarop uitvoerige beschrijvingen te vinden zijn van in
totaal 662 bedevaartplaatsen in Nederland.
www.meertens.knaw.nl/bedevaart/






Sorteer reacties


















