Met honden werd gisteren in het RBC-stadion getraind op het opsporen van explosieven.foto Jan van Zuilen
Terwijl de honden snuffelen, legt sergeant-majoor Jan-Willem Jonk uit dat er regelmatig dergelijke oefeningen plaatsvinden. Heel bewust wordt daarvoor steeds een andere locatie uitgezocht. Want in de praktijk zullen de honden ook steeds te maken krijgen met wisselende omstandigheden. Koud of warm weer, een drukke of rustige omgeving; de honden moeten onder alle omstandigheden ongestoord en snel leren werken.
"In de Amsterdam Arena waren we niet welkom, maar we zijn wel in een leeg Duits pretpark geweest. Nu zijn we dus in een rustig stadion, maar dat had vandaag evengoed een druk bevolkt gebouw kunnen zijn'', zegt Jonk.
De manier waarop de honden speuren, is volgens de sergeant-majoor één groot spel tussen de dieren en hun vaste begeleiders.
"Deze honden zijn specifiek afgericht op het opsporen van explosieven. Hoe we dat de dieren aanleren, heeft onder meer een beetje te maken met de geur. Meer kan ik daar om veiligheidsredenen niet over zeggen. Maar in de wetenschap dat ze worden beloond met een bot of met een balletje, doen de honden wat ze moeten doen. Voor die beloning hebben ze werkelijk alles over.''
In het RBC-stadion worden de speurhonden in elk geval ruim beloond. Het verstopte materiaal wordt keurig gevonden. Zodra er iets is opgespoord, geven de honden dat aan door keurig bij het explosief te blijven zitten of liggen.
"De honden mogen absoluut niet gaan blaffen. Want dan bestaat het gevaar dat zo'n explosief door de trillingen af gaat", zegt Jonk.
In juli gaan de honden met hun baasjes naar Afghanistan. Honden die nu in het gebied zijn, keren dan terug. "Elke hond is anders. Je moet de karaktereigenschappen van een hond goed kennen. Dat kan alleen in een vast team. Mijn hond doet echt alles voor mij."
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.
























