ProRail had het seinhuis voor het symbolische bedrag van één euro willen verkopen aan de Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij met de bedoeling het te herbouwen op het station van Simpelveld, een van de halteplaatsen van het toeristische stoomtreintje van Schin op Geul naar Kerkrade dwars door het schone Zuid-Limburgse heuvelland.
Het college van B en W van Roosendaal heeft echter besloten geen toestemming te geven voor die verhuizing, zo maakte wethouder Steven Adriaansen zaterdagmorgen bekend bij de start van de Open Monumentendag 2008. "Als we als gemeente serieus werk maken van ons cultureel erfgoed dan kunnen we niet toestaan dat zo'n monument uit de stad verdwijnt. Zeker niet nu we net zeven ton subsidie toegezegd gekregen hebben voor de restauratie van de locomotievenloods."
Ook de inmiddels al wel verplaatste brug naar het seinhuis moet in Roosendaal blijven. Adriaansen zei in overleg te zullen gaan met ProRail over de vraag wat er dan wel met het seinhuis moet gebeuren. "Het kan zo niet blijven staan. Het moet opgeknapt worden."
ProRail voelt daar echter weinig voor, ook al omdat het seinhuis op een plek staat die niet voor het publiek toegankelijk is: tussen de rails ergens midden op het spoorwegemplacement. Het seinhuis elders in Roosendaal herbouwen is voor Adriaansen geen optie. "Het hoort bij het station. Als je het elders in de stad zou zetten, verliest het zijn waarde. Dan kan het nog beter naar Simpelveld verhuizen."
Marius Broos, kenner bij uitstek van de Roosendaalse spoorgeschiedenis, is blij met het besluit van de gemeente. "Op voorwaarde dat er wel een goed gevolg aan wordt gegeven, dus dat er iets mee wordt gedaan en dat het toegankelijk wordt voor het publiek."





















