Nol Krijnen toont de medaille van de Olympische Spelen van 1924. Jacqueline van Zundert zit met het Olympisch diploma van haar opa op schoot.
Kiske d'n Blaauwe tekent bij de aankomst van een wedstrijd in Parijs, terwijl zijn rugnummer wordt afgedaan. foto archief Nol Krijnen
BOSSCHENHOOFD - Voorzitter Nol Krijnen van de heemkundekring Seppe was lange tijd op zoek naar herinneringen aan de carrière van de Bosschenhoofdse wielrenner Cees Heeren.
Het zijn fraaie ereplaatsen die Nol Krijnen langer geleden heeft opgemerkt. "Daarom was ik zo benieuwd naar spullen uit die periode." Hij ontmoette Jacqueline van Zundert toen ze lid werd van de ouderenbond, waar Krijnen ook voorzitter van is. "Opa had twee zoons en een dochter. De zoons kregen dochters en de enige kleinzoon van opa was van zijn dochter. Daarmee is deze tak van de familienaam Heeren uitgestorven", verklaart Jacqueline de moeilijke zoektocht van Nol Krijnen.
Ze vindt het leuk dat er aandacht is voor de prestaties van haar opa. Nol Krijnen heeft het diploma enige tijd in de Blokhut gehangen en daar was veel aandacht voor 'Kiske d'n Blaauwe' zoals Cees Heeren werd genoemd. Krijnen heeft opgezocht dat Heeren als jonge renner veel karakter had. "Een taaie doorzetter, een kort en stevig manneke. Nadat hij met zijn vrienden Piet Laseroms en Toontje de Pijper enkele wedstrijden had bezocht, besloot hij zelf te gaan koersen." Zijn vader was dubbel blij met de prestaties en de populariteit van zijn zoon.
In het café van Adrianus Heeren aan de Pastoor van Breugelstraat 30 werd het drukker en drukker. Vader liet achter het café niet alleen een voetbalveld, maar ook een wielerbaan aanleggen. Over de prestaties van Cees Heeren weet Nol Krijnen dat hij zes keer tweede werd op een Nederlands kampioenschap.
"De renners moesten in die tijd hun pech zelf verhelpen. Tijdens de klassieker Den Haag-Arnhem-Den Haag over 268 kilometer brak zijn ketting en moest Cees bij een fietsenmaker een nieuwe ketting kopen en die er zelf opleggen. Hij kreeg zo een half uur achterstand aan de broek en één voor één haalde hij de renners in en won hij de wedstrijd alsnog." Een grote prestatie leverde Kiske tijdens het wereldkampioenschap in Floreffe in België. Hij zat na dertien ronden in de kopgroep van vier, toen tegen zijn achterwiel werd gereden en hij viel. Zijn medekoploper Jan Aerts werd wereldkampioen. De carrière eindigde in 1938 na een sleutelbeenbreuk. Vanaf dat moment verdiende hij de kost als vrachtwagenchauffeur.
De medaille van de Olympische Spelen lag lange tijd in de lade van de ouders van Jacqueline. "Ik wist dat hij aan de Spelen had deelgenomen. Na het overlijden van vader nam ik de fotodoos nee naar huis. Helemaal onderin zag ik het diploma. De vouwen waren erg strak omdat het er vele jaren in heeft gelegen." Nu Nol Krijnen het diploma en medaille in zijn handen heeft, wil hij niet meer loslaten. Hij blijft beleefd. "Het is van de familie. Ik wil vooral voorkomen dat het verloren gaat. En we willen alles tentoonstellen. Dan heeft het hele dorp er plezier van."
Jacqueline is vastberaden de erfstukken ooit in handen van de heemkundekring te geven. "Nog niet officieel. Niet zolang ik en mijn broer nog leven. Misschien wil mijn dochter het wel in haar woning hangen, dan vind ik dat dit moet kunnen." Beide partijen denken na over een overeenkomst waarbij de erfstukken in bezit van de familie blijven, maar in bruikleen worden gegeven aan de heemkundekring.






Sorteer reacties




















