article
1.6586113
OOSTERHOUT - Jarenlang werden op het Poolse ereveld verkeerde namen opgelezen. Het gevolg van het tragische verhaal van de Beutekameraden.
Het tragische verhaal van de Beutekameraden leidt tot 12 verkeerde graven Pools ereveld (longread)
OOSTERHOUT - Jarenlang werden op het Poolse ereveld verkeerde namen opgelezen. Het gevolg van het tragische verhaal van de Beutekameraden.
http://www.bndestem.nl/regio/oosterhout/het-tragische-verhaal-van-de-beutekameraden-leidt-tot-12-verkeerde-graven-pools-ereveld-longread-1.6586113
2016-10-29T04:00:00+0000
http://www.bndestem.nl/polopoly_fs/1.6586736.1477690293!image/image-6586736.JPG
Oosterhout,Sociaal en maatschappij,Beutekameraden,Poolse ereveld,Polen,namen,oorlog,hermes
Oosterhout
Home / Regio / Oosterhout / Het tragische verhaal van de Beutekameraden leidt tot 12 verkeerde graven Pools ereveld (longread)

Het tragische verhaal van de Beutekameraden leidt tot 12 verkeerde graven Pools ereveld (longread)

Foto's
2
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Het graf van Jan Pytlik is het laatste graf met een schuilnaam.
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Bogdan Iwanski uit Oosterhout, Pools oud-strijder.
      Fotograaf
    OOSTERHOUT - Jarenlang werden op het Poolse ereveld verkeerde namen opgelezen. Het gevolg van het tragische verhaal van de Beutekameraden.

    Als vanochtend (zaterdag) tijdens de herdenking op de Poolse begraafplaats op Leijsenakkers de dertig namen worden voorgelezen van de Poolse soldaten die bij de bevrijding van Oosterhout, Den Hout, Dorst, Made en Gilze zijn gesneuveld, zit er een naam tussen die niet klopt.

    Op de grafsteen van Jan Pytlik (1924-1944) staat Jan Kocur. En dat is niet juist. Tot 1995 ging het op het Poolse ereveld in Oosterhout zelfs om twaalf 'verkeerde' namen, die jarenlang tijdens de plechtigheid hardop werden voorgelezen.

    Jozef Wojcieszek blijkt in het echt Jozef Kadela te heten en Pawel Swoboda heet in werkelijkheid Pawel Stöhr. Hoe is het mogelijk dat er tot 1995 op twaalf van de dertig Poolse graven de onjuiste naam stond vermeld? En dat er nu nog steeds een grafsteen met een verkeerde tekst staat?

    Achter de ogenschijnlijke fouten schuilt een verhaal dat niet veel mensen kennen. Het tragische verhaal van de zogeheten Beutekameraden. De 'buit gemaakte' mannen die na de inval van de Duitsers in Polen tegen hun zin gedwongen werden om in de Wehrmacht dienst te nemen. Degenen die wisten te ontsnappen en zich aansloten bij de 1e Poolse Pantserdivisie van generaal Maczek namen een schuilnaam aan.

    De Duitsers beschouwden hen als overlopers. Als ze gepakt werden, wachtte onverbiddelijk de kogel. Een schuilnaam bood bescherming. "Veel jongens uit Silezië gebruikten een pseudoniem", zegt Bogdan Iwanski (91) uit Oosterhout. Iwanski  is de laatste nog levende Poolse bevrijder van Oosterhout. "Bij onze Poolse compagnie zaten best veel soldaten met een schuilnaam. Die mannen werden vanaf 1939 ingelijfd door het Duitse leger. Als ze ervandoor gingen en zich bij de pantserdivisie van Maczek voegden, liepen ze gevaar. Hun namen waren bij de Duitsers bekend. Als ze gevangen werden genomen, werden ze doodgeschoten."

    De Sileziërs, die door Hitler als Volksdeutschers werden beschouwd, kregen in het leger de bijnaam Beutekameraden. Ongeveer 200.000 Poolse mannen belandden, in de meeste gevallen tegen hun wil, bij het Duitse leger. Degenen die erin slaagden om naar Engeland te vluchten, kregen van het leger valse papieren en identiteitsplaatjes. Als ze sneuvelden, kwam meestal de schuilnaam uit de officiële papieren op de grafsteen terecht.

    "We wisten het eerst niet", zegt Johan Teeuwisse, hoofd archief necrologie en voorlichting van de Oorlogsgravenstichting in Den Haag. Teeuwisse: "Eind jaren zestig werd bekend dat er op sommige graven een schuilnaam stond. Het heeft jaren geduurd voordat alle namen in heel Nederland geregistreerd waren. Langzamerhand zijn we alle grafstenen gaan vervangen. Het wrange is dat de verkeerde naam Kocur op de grafsteen van Jan Pytlik als een van de eerste in 1965 al is verbeterd. Helaas blijkt nu tot onze grote schrik dat wij in 1995 de echte naam van Jan Pytlik weer vervangen hebben door zijn schuilnaam Jan Kocur. In dat jaar kregen wij namelijk via onze contacten een akte op naam van Jan Kocur binnen. Kennelijk zijn wij toen tot de conclusie gekomen dat de schuilnaam nog vermeld was."

    Na onderzoek dit jaar naar de schuilnamen door BN DeStem kwam de naamsverwisseling na 21 jaar alsnog aan het licht. Teeuwisse: "We gaan de fout zo snel mogelijk herstellen."

    Ook Wadec Salewicz, organisator van de jaarlijkse herdenking en zoon van een Poolse oud-strijder, kent het verhaal van de schuilnamen. Dat er nu nog een verkeerde naam op de begraafplaats is gevonden, verbaast hem. Salewicz: "Dat wist ik niet. Kocur ja, die naam staat er nog op. Ik dacht dat alles hersteld was. Bij de herdenking draaien de kinderen van Rubenshof de foto's op de graven van de soldaten om als de namen worden voorgelezen. Om verwarring te voorkomen, de naam Kocur staat er immers nog op, laten we het dit jaar nog zo, maar dit moet wel verbeterd worden."

    Bogdan Iwanski, die over twee weken 92 wordt, doet zijn best om vandaag bij de herdenking aanwezig te zijn. Hij kent de gesneuvelde Poolse soldaten op de begraafplaats niet. Iwanski: "Nee onze compagnie bestond uit 16.000 man. Deze soldaten kende ik niet, maar als de gezondheid het toelaat, probeer ik aanwezig te zijn."

    De laatste nog levende Poolse bevrijder: Bogdan Iwanski

    Bogdan Iwanski (91), de laatste nog levende Poolse bevrijder van Oosterhout, vindt het ‘Ongelofelijk’ dat hij er nog is. Wie zijn levensverhaal hoort, kan dat alleen maar beamen.
    Iwanski: „Ik had net de lagere school afgerond toen de Duitsers in 1939 Polen binnenvielen.”

    Het gezin wordt door de oorlog uit elkaar getrokken. De 14-jarige Bogdan wordt weggevoerd door de Russen die inmiddels ook het land zijn binnengevallen.
    Iwanski wordt met zijn moeder en drie zussen tewerkgesteld op een collectieve boerderij, een kolchoz in Siberië. Zijn vader wordt naar de Oeral gestuurd. Iwanski: „We werden uit huis gehaald en in vrachtwagens gedreven. Verschrikkelijk. Het was ook enorm koud in Siberië. Soms min 50 graden, maar gelukkig waren wij in mijn geboorteplaats Bereznica gewend aan strenge winters. Ik heb het overleefd.”

    Als Hitler in 1941 Rusland aanvalt, ziet Stalin de Poolse dwangarbeiders als potentiële bondgenoten en schenkt de Poolse burgers gratie. Iwanski kan nu in dienst gaan, maar de Russen hebben geen wapens. Bogdan sluit zich aan bij mannen die zich bij Poolse eenheden in Engeland willen voegen. Vanwege zijn jeugdige leeftijd komt hij voorlopig bij een eenheid in Tasjkent terecht. Hier loopt hij vlektyfus op en zweeft vijf maanden op het randje van leven en dood. Na een reis via Zuid-Afrika belandt de jonge soldaat in Engeland waar hij zich aansluit bij de divisie van generaal Maczek.

    Iwanski: „Na de landing in Normandië hebben we hard gevochten bij Falaise in Frankrijk. Bang was ik niet. Daar was ik te jong voor. Als er granaten vielen, gewoon duiken. In Made en in de omgeving van Oosterhout vlogen bij gevechten de kogels langs mijn oren, maar ja, je wordt hard.”

    Als Iwanski in 1944 Nellie Bakx (90) ontmoet, besluit hij om zich in Oosterhout te vestigen. Bakx: „Ik ben blij dat hij er nog is. Hij is nog steeds de liefste.” Iwanski is een paar keer terug geweest naar Polen. „De eerste keer was het mooiste. Het hele gezin had de oorlog overleefd. We zaten op kerstavond allemaal bij elkaar. Een wonder. De eerste twintig minuten hebben we alleen maar zitten huilen.”