Dichters onder elkaar: Eus Roovers en Sebastiaan Hitters voelen elkaar naadloos aan. Eus tegen Sebastiaan: 'Doe je volgend jaar weer mee met de Prokkel?' Sebastiaan: 'Ja, maar dan wel weer met jou. En niet zo braaf als de vorige keer. foto Johan Wouters/het fotoburo
De Oosterhoutse dichter Sebastiaan Hitters in actie tijdens een optreden met 'aangever' Tim Stoop.
Sebastiaan Hitters en Eus Roovers presenteerden afgelopen maand de Oosterhoutse Prokkel van H19. Roovers gaf de voorzet, Hitters kopte hem op bijzondere wijze in.
Sebastiaan Hitters oogt sowieso al niet als een terneergeslagen jongen, maar als hij Eus Roovers ontwaart, fleurt hij nog eens extra op. Roovers: "Hé kerel, hoe is het?" Hitters: "Goed. Zeker nu ik jou weer zie! Wanneer gaan we weer eens samen optreden? Ik weet nog wel een goede locatie: Parijs. Het Louvre. Of nee, wat denk je van San Francisco?"
Hitters en Roovers lachen. Dichters onder elkaar, die begríjpen elkaar. Pas een paar jaar bezig werd de Prokkel van H19 – een prikkelende ontmoeting tussen mensen met en zonder verstandelijke beperking – genomineerd als een van de beste van Nederland. Het Oosterhoutse centrum voor de kunsten werd uitgenodigd om tijdens de uitreiking van de Gouden Prokkel op 24 juni de voordracht nog eens te presenteren.
En dus beklommen Roovers en Hitters het podium, daar op die dag in Utrecht. Waar Tim Stoop normaal de voorzetten aan Hitters levert, ging nu voormalig stadsdichter Eus Roovers mee. De H19-Prokkel won niet, maar kreeg een prachtig juryrapport.
Roovers: "Sebastiaans sterke punt is improviseren. Dus ik gaf daar wat woorden en zinnen aan, waar hij dan op reageerde. Omdat ik mensen zag denken 'dat is vast ingestudeerd', ben ik het publiek ingelopen en heb hen gevraagd een woord of zin te geven. Die vulde Sebastiaan dan uit de losse pols aan tot een gedichtje."
Dat is zeker bijzonder, omdat Hitters (32) een handicap heeft: hij heeft een verstandelijke beperking en zit in een rolstoel. Op een winterdag in januari 1986 was hij samen met een vriendje aan het spelen op de (toen nog) Delcourt van Krimpenlaan, toen hij door een auto werd aangereden. Liefst vier maanden lag hij in coma om er vervolgens met een hersenbeschadiging uit te komen. Wat Hitters er zich nog van herinnert?
"Alles. Ik kan me nog herinneren dat mijn zus tegen me praatte, dat ze dicht bij me was. Maar ik kon niet reageren. Zoals ik ook niet kon reageren op de opmerkingen van de dokter, die pijnlijke dingen zei. Zoals: 'Ik zou er de stekker uittrekken, want hij wordt toch nooit meer wakker.' Daar ben ik nog jaren nadat ik uit mijn coma ben ontwaakt, boos over geweest. Maar ik herinner me ook de andere dokter die daarna kwam. Die zei: 'Als jullie hem niet oplappen, doe ik het.' Dat heb ik allemaal gehoord."
Uiteindelijk was hij thuis, waar hij op 8 juni zijn eerste woorden weer uitsprak. Hitters: "Mijn vader zou naar een belangrijke bespreking op zijn werk gaan, tot ik tot ieders stomme verbazing zei: ik wil mee. Vader zei: 'Dat kan niet, jongen.' Maar mijn moeder zei: 'Doe nou maar, je zult er geen spijt van krijgen.' En dus ben ik meegegaan."
Hitters hield aan het ongeluk en de periode erna een hersenbeschadiging over. Hij woont nu in een woonvoorziening in Dongen en is vier dagen per week op de dagbesteding 't Heem van stichting Prisma. Hij praat langzaam en soms moeizaam, maar produceert louter grammaticaal correcte zinnen.
En hij heeft een talent voor dichten. Hij demonstreert nog eens zijn improvisatievermogen: Roovers noemt een woord, Hitters vult deze bijna zonder naar adem te happen aan tot een gedichtje. Hij is ad rem en denkt vaak een stap vooruit ten opzichte van zijn gehoor.
Maar de zinnen zijn even vluchtig als snel vervlogen. Als hij hetzelfde trefwoord een minuut later krijgt aangereikt, volgt een compleet ander vervolg dan even daarvoor. Onmogelijk ook voor de verslaggever om mee te schrijven.
In het verleden publiceerde Hitters al drie gedichtenbundels: Ik ben een taaie (2001), Ik wil mee (2003) en De Verliefde Dichter (2005, met cd), met korte gedichten. Niet altijd rijmend, wel met een clou. Zelf ingetikt. "Met één vinger, dat gaat ook. Nee, dat is niet frustrerend."
Het levert soms opmerkelijke producties op, taaltechnische pareltjes die ons als buitenstaander een spiegel voorhouden. Want waarom zou iemand als Hitters níét een mooi gedicht kunnen schrijven? Wellicht zegt het meer over onszelf dat we het bijzonder vinden.
Koffie
Nee koffie met melk / nee koffie met suiker / maar koffie met liefde / voor u klaargezet.
Of deze:
Kaplaarzen
Daar liep ik dan over Mars / met de vergulde enige kaplaarzen / ik maakte hevige sprongen / omdat ik gewichtloos was / gedurfd om in het heden te springen / en in de toekomst uit te komen
"Sebastiaans deelname aan de Prokkel is een flinke stimulans geweest om verder te gaan met taal en gedichten", vertelt Cora de Wit van H19. Hijzelf zou nog wel eens een gedichtenbundel willen publiceren met tekeningen van hemzelf. Want dat doet hij ook: tekenen en schilderen. "Sebastiaan is een ondeugende kerel, een kwajongen. Als ik hem een zin wil aangeven om op te reageren, voorzie ik wel eens een wat schuine reactie. Dan draai ik voor de veiligheid de zin soms maar even om..." Op zijn shirt staat je zou me eigenlijk eens naakt moeten zien!
Dat inspiratie niet altijd opborrelt op een moment dat het je uitkomt, merkt ook Hitters wel eens. "Soms schiet er 's nachts iets door mijn hoofd en dan móét ik eruit. Ook al moet ik mijn pc dan aansluiten en opstarten. Ik schrijf elke dag wel wat, variërend van gedichten tot verhaaltjes. Eigenlijk alles door elkaar."
Roovers staat op. Hij gaat naar huis. "Doe je volgend jaar weer mee met de Prokkel?" Hitters: "Ja, maar dan wel weer met jou. En niet zo braaf als de vorige keer. Wat denk je van een polonaise met allemaal buikdanseressen?" Roovers: "Oké, ik zet het in mijn agenda!"
De gedichtenbundel De Verliefde Dichter uit 2005 is (met cd) voor 10 euro nog steeds te bestellen. Stuur daarvoor een e-mail naar Jan Hitters, de vader van Sebastiaan: hitters@home.nl






zie ook: 




















