D. krijgt daarvoor een gevangenisstraf van 21 maanden waarvan zes voorwaardelijk. A. krijgt achttien maanden waarvan zes voorwaardelijk.
De vrijspraak voor de overval kwam niet onverwacht. Officier van justitie L. van Delft had het feit - poging tot afpersing van bewoners van een woning in Dongen - weliswaar op de dagvaarding gezet, maar hij vroeg zelf ook al om vrijspraak. Hij kon het bewijs niet leveren.
De beide advocaten gingen nog een stapje verder en vroegen zich af of de overval wel had plaatsgehad. "De huismeester heeft er niets van gezien of gemerkt", hield raadsvrouw A. Kilic de rechtbank voor.
Ook van de ten laste gelegde grootschalige handel in coke lieten de raadsvrouwen weinig heel. Het bewijs was mede gebaseerd op verklaringen van zeven getuigen, die niet als getuige maar als verdachte hadden moeten worden gehoord. "Als getuigen zijn ze verplicht te antwoorden. Er is bewust de schijn gewekt dat ze niet zouden worden vervolgd. Dit is een inbreuk op het zwijgrecht van verdachten", vond raadsvrouw S. van Fraaijenhove.
De rechtbank is het daar wel mee eens, maar verbindt er geen gevolgen aan. "De belangen van de verdachten zijn door de fouten niet geschonden", oordeelt rechtbankpresident D. van Kralingen.


zie ook: 




















