Loes van Keimpema promoveert op haar onderzoek mensen met een polycysteuze lever. foto Loes van Keimpema
Van Keimpema werd in 1985 in het Tilburgse ziekenhuis geboren, maar woonde in Rijen. Ze slaagde in 2003 voor het gymnasium aan het Cambreur College in Dongen en begon dat jaar aan de studie geneeskunde in Nijmegen waar ze vier jaar later haar doctoraal haalde. In plaats van co-schappen te volgen – de gebruikelijk route – ging ze meteen aan de slag met promotie-onderzoek. "Eigenlijk een beetje de omgekeerde weg. Het risico bestaat dat ik straks voor een heel andere specialisatie kies. Maar deze kans deed zich voor en die heb ik met beide handen gegrepen", zegt de bijna-doctor. Ze denkt hiermee in ieder geval een goede basis te hebben gelegd voor eventueel verder onderzoek dat ze nog gaat doen. "Het is goed voor je ontwikkeling. Je leert de instrumenten kennen, waarmee je wetenschappelijk onderzoek doet. Nadeel is wel dat mijn vrienden doorgingen en ik bij nieuwe mensen kwam. Bovendien moet ik weer gaan studeren, terwijl ik de afgelopen jaren natuurlijk iets heel anders heb gedaan."
Het onderzoek dat Van Keimpema samen met hoogleraar Joost Drenth (maag-darm-leverziekten) heeft gedaan, mag best baanbrekend genoemd worden. Ze vonden uit dat lanreotide, een synthetische variant van een maagdarmhormoon, bij patiënten die de leverziekte hebben, ervoor zorgt dat hun lever kleiner wordt. "Nader onderzoek moet uitwijzen of het gebruik van dit middel bij kinderen met de aandoening voorkomt dat de lever later gaat uitzetten."
In Nederland lijden 17.000 mensen aan de aandoening.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.



zie ook: 




















