Nel Najee en Miki Nannes-Nicolic hopen dat er maandag weer honderden vrouwen naar De Nobelaer komen om de Internationale Vrouwendag te vieren. Ook peilen ze de behoefte aan een internationale vereniging. foto Peter van Trijen/het fotoburo.
Miki, in de jaren zeventig vanuit toen nog Joegoslavië naar hier gekomen, voelde het natuurlijk al langer aankomen. Het gevecht is er al zo lang. Zij paste zich aan, maar tegelijkertijd had ze jaren nodig om te leren haar eigen ik te bewaren.
Nel woonde dertig jaar in Canada, zegt er nooit iets van discriminatie te hebben meegemaakt. "Maar toen ik terugkwam, was Nederland helemaal niet zo ruimhartig. In Canada liet iedereen iedereen in zijn waarde, maar hier moet elke buitenlander maar meteen in hart en nieren Nederlander worden. Ik ben daar zó van geschrokken."
Maandag kan ze zich weer onderdompelen in een warm bad, zoals ze dat zelf noemt. Vorig jaar kwam ze voor het eerst naar de Internationale Vrouwendag in De Nobelaer, bedoeld voor álle vrouwen vanaf zestien jaar, en ze zocht onmiddellijk contact met Sivel, de organiserende stichting.
Het programma, waarbij mannen en kinderen nu eens een keertje níet welkom zijn, duurt van half acht tot elf uur. Voor vijf euro zijn er hapjes, muziek, een loterij met prijzen van de Etten-Leurse ondernemers en er wordt gedanst.
Ook worden formulieren uitgedeeld om te kijken of er interesse is voor een internationale vereniging. Miki viert morgen ook al Vrouwendag, samen met andere Slavische vrouwen én mannen. "Toen ik hier kwam, kenden eigenlijk alleen de Rooie Vrouwen de Internationale Vrouwendag en die was meer op emancipatie gericht. In onze cultuur echter is 8 maart een eerbetoon aan 'de vrouw'. Als klein meisje in Servië plukte ik dan een bloem voor mijn moeder. Vaak was dat een sneeuwklokje, omdat er nog niets anders groeide op dat moment."
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




























