article
1.6816610
BREDA – Journalist Michel Spekkers heeft de nabestaanden van vliegramp MH17 nooit willen kwetsen door spullen ‘en mogelijk menselijke resten’ in een vuilniszak van de rampplek in Oekraïne mee te nemen. “Ik heb het juist meegenomen vóór hen, omdat ik het een schande vind dat alles daar nog ligt”, vertelt Spekkers, die voorheen commissieraadslid was voor de SP in Breda.
Spekkers over vuilniszak met botten MH17: ‘Ik doe dit juist voor de nabestaanden’
BREDA – Journalist Michel Spekkers heeft de nabestaanden van vliegramp MH17 nooit willen kwetsen door spullen ‘en mogelijk menselijke resten’ in een vuilniszak van de rampplek in Oekraïne mee te nemen. “Ik heb het juist meegenomen vóór hen, omdat ik het een schande vind dat alles daar nog ligt”, vertelt Spekkers, die voorheen commissieraadslid was voor de SP in Breda.
http://www.bndestem.nl/regio/breda/spekkers-over-vuilniszak-met-botten-mh17-ik-doe-dit-juist-voor-de-nabestaanden-1.6816610
2017-01-06T19:46:29+0000
http://www.bndestem.nl/polopoly_fs/1.6816624.1483731903!image/image-6816624.jpg
Breda
Home / Regio / Breda / Spekkers over vuilniszak met botten MH17: ‘Ik doe dit juist voor de nabestaanden’

Spekkers over vuilniszak met botten MH17: ‘Ik doe dit juist voor de nabestaanden’

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    BREDA – Journalist Michel Spekkers heeft de nabestaanden van vliegramp MH17 nooit willen kwetsen door spullen ‘en mogelijk menselijke resten’ in een vuilniszak van de rampplek in Oekraïne mee te nemen. “Ik heb het juist meegenomen vóór hen, omdat ik het een schande vind dat alles daar nog ligt”, vertelt Spekkers, die voorheen commissieraadslid was voor de SP in Breda.

    Spekkers was in Donetsk in Oekraïne, omdat hij een documentaire wil maken over hoe het is om in een conflictgebied te leven. Hij sprak daar veel mensen die zeiden dat nog lang niet alles op de rampplek was opgeruimd. “We zijn inmiddels 2,5 jaar verder, ik vind dat schandalig. Ik ben er naartoe gegaan, omdat ik gevoel had dat ik als Nederlander de morele verplichting had om te gaan kijken.”

    Op de rampplek vond Spekkers veel resten die wat hem betreft nog onderzocht zouden moeten worden. “Stukken aluminium en metaal, delen van raamkozijnen, stoelnummers, dat soort dingen.” De journalist denkt dat hij ook menselijke resten heeft gevonden. “Experts moeten straks bepalen wat het precies is, maar ik weet natuurlijk wel hoe een bot eruit ziet. Ik vond ze op een plek waar het logischerwijs van een van de slachtoffers zou kunnen zijn.”

    Spekkers is erg geschrokken van het feit dat er nog zoveel ligt. “Als er een aanslag wordt gepleegd in Amsterdam, vinden we daar 2,5 jaar later echt niets meer van terug”, zegt hij.

    Excuses
    Nabestaanden zijn niet blij met de actie van Spekkers. In een reactie liet een woordvoerder van de Stichting Vliegramp MH17 weten dat nabestaanden het vervelend vinden dat er niet respectvol met eventuele resten wordt omgegaan. Spekkers meldde via Twitter dat hij zijn vondsten in een vuilniszak had gedaan en vroeg aan zijn volgers wat hij ermee moest doen: afleveren bij de Tweede Kamer, het OM of zijn moeder.

    “Ik heb vanmiddag al mijn excuses aangeboden voor die tweet, ik begrijp dat die bij sommige mensen in het verkeerde keelsgat is geschoten”, aldus Spekkers. “Het laatste wat ik wil is dat nabestaanden nog meer pijn moeten lijden, ik doe dit juist voor hen.” Spekkers vindt dat hij respectvol genoeg met de spullen en resten omgaat. “Ik zet bewust ook geen foto’s van botten op Twitter”, zegt hij. “Maar het ligt daar nu in de modder te rotten. Minder respectvol dan dat, kan het toch al niet worden.”

    Zak inleveren
    Spekkers is nog in Rusland, maar komt zaterdag terug naar Nederland. De teamleider van het onderzoek naar de vliegramp heeft via de mail contact met hem opgenomen. “Hij wilde eerst dat ik de zak afgeef bij een Nederlandse diplomaat in Rusland, maar dat ben ik niet van plan”, aldus Spekkers. “Nu wil hij de zak van me overnemen zodra ik geland ben, maar ik weet nog niet of ik daarmee instem. Ik wil dat de spullen bij de juiste autoriteiten en eventueel nabestaanden terecht komen.”