Twee punten vormen de hoofdlijn. Allereerst constateren de besturen dat er voor het vervangen van versleten gebouwen en het aanpassen van de scholen aan de huidige eisen momenteel te weinig financiële middelen zijn.
Om daar wat aan te doen, denken de besturen dat het goed is als de gemeente de huisvestingsbudgetten, zoals nu al gebeurt met de gelden voor het voortgezet onderwijs, direct toevertrouwt aan een overkoepelende organisatie van schoolbesturen. Zo'n onafhankelijk organisatie is, anders dan de overheid, vrij om nieuwbouw samen te financieren met instellingen als de kinderopvang en de wooncorporaties.
Als tweede belangrijke punt stellen de besturen in hun visie dat scholen meer zijn dan louter klaslokalen met een gang en een kapstok. Frank van Esch van schoolbestuur INOS: "Wij vinden dat kinderen op school de kans moeten krijgen hun talenten optimaal te ontwikkelen. Bijvoorbeeld met extra sport- of muzieklessen. Om dat te kunnen bieden, willen we schoolgebouwen realiseren met goede faciliteiten. Wij noemen zulke scholen talentencentra."
De visie is overhandigd aan het voormalige college. Het is aan het nieuwe gemeentebestuur om zich er een mening over te vormen.
Als dat is gedaan, komt stap 2, zegt Van Esch. "Daarbij hoort onder meer de inventarisatie van de staat van de schoolgebouwen en een idee van wat moet worden aangepakt." Uiteindelijk moet één en ander ertoe leiden dat er alleen nog goede schoolgebouwen zijn. "Zodat ouders bij hun keuze niet hoeven letten op de kwaliteit van een gebouw, maar alleen op de kwaliteit van het onderwijs." In Breda zijn 56 basisscholen, verdeeld over ongeveer 80 gebouwen. Er zijn circa 17.700 basisschoolleerlingen.























