Speelgoed wordt museumstuk, met een dramatisch verhaal. Boven de voorgevel van het 80 jaar oude poppenhuis, met directrice Barbara Putters van het Miniaturenmuseum Breda. Foto links: de huiskamer op de derde etage, met op de dressoir (rechts) de negenarmige Chanoekalamp. foto's Raman Mangold/het fotoburo
BREDA - Miniaturenmuseum Breda ontdekt het poppenhuis van de Alkmaarse Anne Frank na drie jaar in zijn collectie. En Alkmaar treurt. Ruim drie jaar stond een tachtig jaar oud poppenhuis in de collectie van het Miniaturenmuseum in Breda, toen de directie onlangs een bijzondere ontdekking deed.
Het poppenhuis heeft toebehoord aan Marjan Drukker, een Joods meisje uit Alkmaar dat in 1944 in Auschwitz is vergast. Haar lotgevallen komen sterk overeen met die van Anne Frank. De meisjes waren even oud. Was er een dagboek van haar bewaard gebleven, dan zou Marjan Drukker (1929-1944) nu bekend kunnen staan als de Anne Frank van Alkmaar.
Want - ook door toeval - is in Alkmaar over haar en haar familie vrij veel bekend. Behalve dan dat het meisje een poppenhuis bezat dat in Breda als het hare kon worden thuisgebracht.
Bij het Alkmaarse streekarchief sloeg de ontdekking vorige week in als een bom. Hoofdarchivaris Paul Post zal het nieuws komende week in zijn regio bekendmaken. Al betreurt hij dat hij het zo ver van huis opgedoken poppenhuis niet (meteen) kan tonen. Want het Bredase museumpje houdt het kleinood met zijn bijzondere historie in eigendom. Wel is het bereid het poppenhuis aan Alkmaar in bruikleen te geven. Dat zal in elk geval na mei volgend jaar zijn. Breda is immers de stad waar op 5 mei Nationale Bevrijdingsdag begint. Volgens museumdirectrice Barbara Putters kan het poppenhuis een rol gaan spelen in de feestelijkheden van die dag.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




























