BREDA - Huishoudelijke hulpen in de thuiszorg voelen zich als oud vuil behandeld. Arbeidsvoorwaarden na de gedwongen overgang naar een nieuwe werkgever zijn vaak minder. Een anoniem portret van twee van hen. Ze vrezen anders gebrandmerkt te worden. We noemen hen Miranda en Petra.
Zie ook:
Miranda is alleen, ze is onzeker over de toekomst en slaapt slecht. Ze werkt 30 uur per week, voor 12,38 euro per uur. Daar kan ze van rondkomen. Haar zes cliënten van 90 plus en veelal dementerend zijn opnieuw geïndiceerd, zodat ze nog maar 21,5 uur heeft. Bij haar huidige werkgever kan ze invallen. Zo komt ze toch aan dertig uur. Toch is het een kleine ramp. "Die oude mensjes kun je niet in een vervuild huis achterlaten. Dus moet je veel harder werken. Eerst deed ik nog wel eens een boodschap. Dat mag en kan niet meer."
Miranda begon met solliciteren in september, nadat ze bij de banenmarkt informatie had ingewonnen over de vijf nieuwe werkgevers die de thuiszorg in Breda vanaf 1 januari gaan doen. "VDA en Surplus reageerden niet. Thuiszorg In Holland zag ik na de markt niet zitten. Het werd T-Zorg. Dat leek goed ondanks een flexibel contract van 13 tot 26 uur en uurloon dat 1,38 euro lager is. Met 26 uur kan dat bijna niet meer. Eigenlijk is het salaris 9, 96. Maar ik krijg per 1 januari 11 euro. De vakbond zegt dat ik die bonus zo kwijt kan raken. Als ik minder uren krijg, kan ik niet meer rondkomen en de herindicering gaat door. Als ik straks 13 uur overhoud, dan moet ik naar de bijstand. Dit vreet aan me." Ze begrijpt dat er bezuinigd moet worden. "Maar we worden als vuil behandeld. Het gaat de aanbieders enkel om de cliënten. Ik moest zelfs achter hun gegevens aan."
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




Sorteer reacties




















