Dat antwoorden burgemeester en wethouders op vragen van de PvdA in Breda. Het is een trendbreuk met het verleden.
De afgelopen jaren, toen de PvdA nog in het college zat, gold het beleid dat van de gerealiseerde nieuwbouwwoningen dertig procent 'bereikbaar' moest zijn voor mensen die niet zo veel te besteden hebben. Dat beleid was gebaseerd op de 'Vitale stad-gedachte', waarbij buiten de stad meer bereikbare woningen worden gerealiseerd, terwijl in de stad wordt gesloopt en in duurdere categorieën wordt teruggebouwd. Deze filosofie staat onder druk, houdt het nieuwe college de sociaal-democraten voor, onder meer door marktontwikkelingen.
Het plan Bouverijen in Teteringen is het eerste plan waar het 'dertig procent bereikbaar'-beleid wordt losgelaten. Dat is gunstig voor de gemeentekas, immers: per betaalbare woning (kavelprijs) betalen de woningcorporaties 17.500 euro aan de gemeente. Voor andere kavels, waar duurdere woningen gebouwd worden, vangt Breda meer.
"Nu bij een groot project als de Bouverijen een groot aantal bereikbare woningen niet gerealiseerd wordt, waar in de stad denkt u dat te compenseren als antwoord op de roep om betaalbare woningen?", wilde de PvdA van B en W weten.
Het antwoord is helder: "Minder sloop van bereikbare woningen, bestrijden van scheefwonen in de bestaande voorrraad (28 procent van de Bredase huurders woont in een te goedkope woning, stelt de gemeente, de corporaties bestrijden dat) en het beperken van de verkoop van huurwoningen door woningcorporaties. Die doen dat onder meer om inkomsten te genereren (waarmee ze weer nieuwe investeringen kunnen plegen) en ze willen daarmee ook de minder draagkrachtigen en starters in de gelegenheid stellen een woning te kopen.
De corporaties zijn met de gemeente in gesprek over de nieuwe koers die B en W varen.


Sorteer reacties




















