Het is een gezellige boel tijdens de les van juf Marie-José Disseldorp. "Af en toe moet er ook even ontspanning zijn", lacht die. "Dat is ook het succes van deze cursus. De vrouwen vinden het leuk om te komen. Ze leren de taal, maar ze doen ook contacten op met andere vrouwen en ze krijgen praktische tips voor in het dagelijks leven. We zijn bijvoorbeeld met zijn allen naar de Albert Heijn geweest. En naar de bieb. Ondertussen zie je dat hun Nederlands met sprongen vooruit gaat." Maar dan is het weer tijd voor de taalles. "Probeer eens een zin te maken. Dus niet 'ik school' maar 'ik ga naar school'. Weet jij nog een zin?" De aangesprokene schudt haar hoofd: "Ik hoef niet." Haar buddy lacht: "Dat is ook een zin."
Eric Gladdines, directeur van De Weerijs, is zeer tevreden over Doespraak. Het project draait sinds dit schooljaar twee ochtenden per week en er doen op zijn school twintig vrouwen aan mee. "Het werkt echt", zegt hij. "We merken het op de rapportavonden. De moeders durven meer te zeggen. Ze voelen zich ook meer betrokken bij de school en helpen veel vaker mee." Het project staat of valt wel met ervaren leerkrachten als juf Marie-José, zegt hij. "Zij benadert de moeders op het schoolplein of thuis. De vrouwen kennen haar en vertrouwen haar."
Dat vertrouwen is de basis van Doespraak, vertelt initiatiefnemer Ruud Schalken. "Briefjes sturen werkt niet. Je moet de moeders persoonlijk aanspreken. Dan blijkt dat ze dolgraag willen leren en zeer betrokken zijn. Ze krijgen er meer zelfvertrouwen door. En dat is ook goed voor de wijk." Schalken heeft al plannen voor een Doespraak voor mannen. En het ministerie van VROM gaat de cursus in heel Nederland invoeren.


Sorteer reacties




















