Dat schrijft de Kamer van Koophandel, mede namens Bedrijvenvereniging De Mark, aan het Bredase stadsbestuur.
Dat er mogelijk waardevolle archeologische zaken in de bodem van de Markoevers zitten, is de Kamer te vaag. De ondernemers van de bedrijvenzone zouden nu niet weten 'waar ze aan toe zijn', als ze in uitbreiding willen investeren.
Krachtens de huidige (landelijke) regeling moeten bedrijfseigenaren eerst op eigen kosten laten onderzoeken of er archeologisch iets waardevols in hun grond zit en óf ze dus überhaupt al mogen uitbreiden. Zo'n onderzoek loopt al snel op tot zevenduizend euro en dan is er nog helemaal niets gebouwd. Volgens de Kamer loopt tweederde van de ondernemers tegen deze makke aan. Zij vindt dat, zeker in de huidige crisis, 'funest voor de dynamiek van het bedrijventerrein', omdat de ondernemers nu 'niet of niet snel kunnen uitbreiden om zo de kansen in de markt te benutten en de toekomst van hun bedrijf zeker te stellen'.
De Kamer van Koophandel draagt ook een oplossing aan. De gemeente zou zelf in kaart moeten brengen, op welke plaatsen in het totale plangebied Emer-Hinterlaken archeologische 'waarden' aanwezig zijn en waar niet. Volgens de Kamer valt dat 'steekproefsgewijs' vast te stellen. Vervolgens 'kan voor deze locaties exact bepaald worden, wat en hoe er wel of niet gebouwd mag worden'. En als zou blijken dat zulke plekken hier helemaal niet zijn, dan mag van de Kamer die lastige frase over 'medebestemming' meteen helemaal uit het ontwerp worden geschrapt.























