Arbouw haalt in zijn bijdrage flink uit naar de vorige raad. "Alles zat muurvast. Er was geen enkele ruimte voor debat, voor het uitwisselen van standpunten en argumenten. Er is te veel gestuurd vanuit het college en de coalitiepartijen PvdA, CDA, Breda'97 en GroenLinks. Voorstellen vanuit de oppositie zijn stelselmatig afgewezen. Terwijl juist een goed debat zorgt voor scherpere voorstellen en meer draagvlak in de raad. Voor de democratie was dit een slechte periode. De raad moet meer ruimte krijgen om zijn politieke standpunten te bepalen", is Arbouws harde oordeel.
Toch ziet de VVD'er ook pluspuntjes. "De raad heeft veel in beweging gezet. Zo brengen wijkbezoeken de raad dichter bij de burger", zegt hij. Hij geeft zijn opvolgers de tip eens een cursus vergadertechnieken te volgen. Volgens Arbouw kan de kwaliteit van het debat 'echt beter'.
In 'Raad aan de Raad' komen ook andere intussen vertrokken politici aan het woord, maar die zijn wat minder fel. "Er wordt gelukkig minder tijd besteed aan kleine en incidentele punten", stelt Mieke Vossenaar (Breda'97) achteraf vast. Ze constateert weliswaar een scherpere tegenstelling tussen coalitie en oppositie, maar dat wil niet zeggen dat de tegenstanders elkaar om de haverklap naar de keel vlogen.
"Dat het anders kan, liet de behandeling van de Cultuurnota zien", herinnert Vossenaar zich. "Die liep niet lekker, maar toen de woordvoerders in de raad en de wethouder bij elkaar kwamen, ontstond een wat lossere sfeer, met als gevolg een goed resultaat."
Vossenaar geeft als tip aan nieuwe raadsleden: "Wees altijd nieuwsgierig en vooral een bemoeial. Maar zorg er vooral voor dat je het werk leuk vindt en geniet van je bevoorrechte positie als raadslid, ook al is de status niet meer wat het geweest is."
Vertrekkend SP-raadslid Frank Vergroesen raadt de nieuwkomers aan om zich toch vooral niet gek te laten maken door de papierwinkel. "Raadswerk is filteren: 'Wat doe je wel, wat niet? Zorg dat je tijd overhoudt voor de burger, want die is tenslotte jouw baas', aldus Vergroesen.
Terugkijkend op zijn vierjarige periode in de raad is hem opgevallen dat de vier coalitiepartijen elkaar al die tijd in een 'ijzeren houdgreep hebben gehouden'. "Wethouders drukken een te grote stempel op het fractieoverleg en de agenda van de raad wordt puur gedicteerd door burgemeester en wethouders. Daar kom je als oppositie niet doorheen", zegt de voormalig fractievoorzitter van de SP in Breda.
PvdA-coryfee Henk Haarhuis (sinds 1997 in de raad) is verreweg het positiefst over de politieke gang van zaken in de afgelopen raadsperiode. Hij vindt dat de raad 'steeds beter zicht heeft op wat zich afspeelt in buurten en wijken'. Wel vindt hij dat de politici hun oor te vaak laten hangen naar de wijk- en dorpsraden.
Wat de sociaal-democraat betreft kan de stad opgedeeld worden in vijf gebieden waar raadsleden, bewoners en maatschappelijke instellingen en organisaties het met elkaar uitvechten.
Ook het politieke spel zoals dat in de raadzaal wordt gespeeld, kan beter, denkt Haarhuis. Weliswaar stellen de wethouders zich terughoudender op ten opzichte van hun eigen fractie, toch speelt het debat zich te veel op het pik- en pookniveau af. Haarhuis: "Het is voornamelijk een spel van vragen uit de raad en antwoorden door het college. Terwijl juist meer kennis en inzichten moeten worden uitgewisseld."
Over de manier waarop de raad zich naar buiten toe presenteert, zegt het PvdA-raadslid dat de partijen te 'verkrampt' zijn tijdens wijkbezoeken. "De raad gaat niet als één entiteit op wijkbezoek, maar als een verzameling politieke partijen. Die politieke diversiteit moet de raad naar de burgers uitstralen. Zonder dat je in toezeggingen of partijpolitiek verzandt."























