Docente Christine van Genderen begeleidt in het achterste deel van de woonwagenschool de kinderen uit de onderbouw. 'Het is heel afwisselend', vertelt ze. 'Je weet vooraf nooit in wat voor omgeving je school nu weer zal staan'. foto's Edwin Wiekens/het fotoburo
Half één, middagpauze van de Rijdende School. De kinderen gaan thuis in hun wagen even een boterham eten. Alleen Esmeralda (l) blijft over.
Docente José du Chatenier helpt Demi (8, midden) en Kiki (10) bij het maken van taken op de computer.
BREDA - Het was al weer vier kermissen geleden dat Kiki (10) en Joanne (11) elkaar voor het laatst zagen. Jammer vonden ze. Ze zijn vriendinnen.
Zie ook:
Dus waren ze superblij toen ze per sms van elkaar vernamen dat ze allebei
deze week in Breda zouden staan. Konden ze weer samen naar school.
Kiki en Joanne zijn kermiskinderen. De ouders van Kiki hebben een Bungee
Jump en een trampoline, die van Joanne een achtbaan. In het vroege voorjaar
laden hun ouders de wagens op en gaan op pad. Met hun attracties trekken ze
het hele land door. Van kermis naar kermis. Hun kinderen gaan mee.
Kinderen die, net als hun leeftijdgenootjes, naar school gaan. Maar dan wel
naar een hele aparte. De Rijdende School. Een school in een woonwagen, of,
als het een kleinere kermis is, in een minibusje. Er zijn dertig
verschillende Rijdende Scholen. Kriskras staan ze door het land op plaatsen
waar kermis is. De leerkrachten verschillen keer op keer. Net als de
leerlingen. Het verschil: de leerkrachten werken altijd in een circus of op
een kermis hooguit negentig kilometer van hun woonplaats. Kunnen ze 's
avonds gewoon naar huis. De kinderen blijven bij de kermis.
Bijna
geen kind weet met wie hij volgende week in de klas zit. En dus is het elke
eerste schooldag op een nieuwe kermis even wennen. Sommigen stappen het
schooltje binnen om te ontdekken dat ze niemand kennen. Anderen komen
vriendjes tegen. Zoals Kiki en Joanne.
De kinderen zitten niet met
die onzekerheid. Integendeel. "Ik vind het eigenlijk wel leuk",
zegt Nadia (10). "Je komt steeds opeens weer vriendinnen tegen."
In de winter zit ze op een reguliere school, thuis in Eindhoven. En, geeft
ze toe: ook dat heeft leuke kanten. "Daar heb ik vriendinnen die er
altijd zijn, met wie ik kan spelen als ik dat wil. Die mis ik in de zomer,
net als ik de kinderen van de kermis in de winter mis."
De
ouders van Nadia hebben een oliebollenkraam. Haar tante en oom ook. Ze staan
samen op de kermis. 's Avonds, als hun ouders werken, kruipen Nadia en haar
nichtjes bij elkaar in dezelfde woonwagen. "Er is een jongen, Pascal,
die dan op ons past."
Het is best een raar leven, dat de
kermiskinderen leiden. Hectisch, meent leerkracht José du Chatenier. "
Maar ik denk niet dat de kinderen dat zelf zo ervaren", voegt haar
collega Christine van Genderen toe. "Zij weten niet beter. Ze zijn er
aan gewend."
Natuurlijk, het zijn kinderen die de ene dag in
Groningen de dag erna in Echt staan. Die veel onderweg zijn. Die soms, als
de kermis zo klein is, dat het niet praktisch is om er met de Rijdende
School heen te gaan, even een weekje aanmonsteren op een reguliere school in
een willekeurig dorp. Gebogen over de eigen schoolboeken. De kinderen zijn
flexibel, open, gewend snel vriendjes te maken. En het zijn ook kinderen die
veel zien, veel horen. "De wandjes van de caravans zijn niet dik",
zegt Du Chatenier. En in een gemiddeld kringgesprek kan het zomaar over een
vechtpartij gaan die een kind op de kermis zag.
Maar, merken Van
Genderen en Du Chatenier: " Het zijn ook kinderen die onderling een
goede band hebben, elkaar helpen en vaak heel serieus met schooltaken bezig
zijn." Zomervakantie hebben ze niet. Ze werken door. Veel,
gedisciplineerd, in hun eigen tempo. Om in de winter weer aan te haken op
hun vaste school.
Een instelling met wie de Rijdende School veel
contact heeft. Net als het team van dertig leerkrachten via een digitaal
volgsysteem elkaar goed op de hoogte houdt van de (leer)ontwikkelingen van
de leerlingen. Die communicatie is van essentieel belang. Het waarborgt de
continuïteit van het onderwijs dat de kermiskinderen volgen. Van de zorg die
ze krijgen. Althans op de basisschool. "Zodra ze naar het voortgezet
onderwijs gaan, verandert er veel", zeggen de docenten.
Joanne weet dat. In groep acht zit ze nu. "Volgende zomer ga ik in het
Bakhuis", vertelt ze. " Een internaat voor kermiskinderen."
Als haar ouders rondreizen gaat zij van daaruit naar school.
Ziet
ze er tegenop? Ze haalt de schouders op. Ach, ze weet niet beter. Zo gaat
het als je ouders op de kermis staan.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.







Sorteer reacties




















