Zie ook:
De Telegraaf op Zondag meldt vandaag dat Groenendijk torenhoge vertrekpremies zou hebben betaald aan medewerkers. Het zou een soort zwijggeld zijn in verband met een mogelijk buitenechtelijke affaire met een secretaresse. Ook zou hij privé-hotelovernachtingen en -etentjes uit de kas hebben betaald.
Groenendijk zegt desgevraagd eerst de resultaten van het onderzoek te willen afwachten, alvorens inhoudelijk te reageren. „Ik weet niet waar het over gaat, ik ken de vraagstelling niet en ik ben nog niet bevraagd. Een reactie lost niks op en voegt niks toe. ”
Hij wil niets weten van ‘fraude’. „Alle cijfers zijn door accountants gecontroleerd. Ze hebben de controle doorstaan.” Hij suggereert in De Telegraaf dat er mogelijk sprake is van een wraakactie van voormalige medewerkers, bij wie hij zich als directeur niet populair heeft gemaakt door noodzakelijke maatregelen te treffen.
Een woordvoerder van het ministerie van Defensie - de grootste sponsor van het Legermuseum - zegt dat Defensie wel op de hoogte is van maar niet betrokken is bij het onderzoek. „Maar we zijn natuurlijk wel geïnteresseerd in de uitkomsten.”
Vice-voorzitter Jac Trum van het CDA-afdelingsbestuur in Breda schrikt van het nieuws. „Ik weet van niks. Zolang ik geen officiële mededelingen heb gekregen, kan ik ook niet reageren. Mijn adagium is in elk geval dat iemand onschuldig is tot het tegendeel is bewezen.” Groenendijk was indertijd een CDA-prominent. Hij was tot 1997 directeur van het landelijk partijbureau van het CDA.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




Sorteer reacties




















