BREDA - Uiteindelijk in zijn laatste woord kon de verdachte niet anders dan uitspreken hoe het hartverscheurende verhaal van de jonge vader hem had geraakt.
De jonge vader die sinds twee jaar weduwnaar is nadat zijn 36-jarige vrouw op de fiets was doodgereden. Door een auto bestuurd door R. van D.(nu 20) uit Breda. Over de vraag in hoeverre Van D. schuldig is aan dit ongeval bogen zich gisteren drie rechters van de strafkamer in Breda.
Officier van justitie Robert van der Linden acht Van D. niet rechtstreeks schuldig aan de dood van het slachtoffer, dat op een mooie dag in maart 2010 vanuit de Chopinstraat de Baronielaan op reed. De auto had voorrang en de verdachte had niet gedronken.
Maar de officier vindt wel dat Van D. door te hard te rijden (63 of 64 km) 'gevaar op de weg heeft veroorzaakt'. "Hij had defensiever en voorzichtiger kunnen en moeten rijden. Het is niet voor niets dat de gemeente de maximumsnelheid op dat stuk na dit ongeval tot 30 km heeft teruggebracht."
De officier eist tegen Van D. een werkstraf van zeventig uur en twaalf maanden voorwaardelijke rijontzegging. Dat de gemeente de maximumsnelheid inderdaad schielijk heeft verlaagd na het fatale ongeval was koren op de molen van Van D.'s raadsman Ronald Drenth. Hij citeerde een docent van de Politie Academie die zich had afgevraagd of de gemeente niet strafbaar was te stellen door zo'n onoverzichtelijke situatie als op dit kruispunt in de Baronielaan te laten voortbestaan.
Zo was nergens duidelijk of de Chopinstraat nu een volwaardige straat of een uitrit is. Door langdurig posten stelde de politie vast dat iedereen het als een uitrit ervaart en voorrang geeft. Van D. had dan ook voorrang. "Maar de gereden snelheid was gekkenwerk. Het ongeval was vermijdbaar en verwijtbaar", vond de achtergebleven vader in zijn slachtofferverklaring. Uitspraak over twee weken.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




Sorteer reacties




















