Toch waren stadsarcheoloog Marco Vermunt en zijn kompaan Alexander van der Kallen nog enigszins verrast toen ze bijzondere zaken vonden in de grond onder het Wilhelminaveld. Bij aanwijzing van het veld naast de Blokstallen voor een nieuw, ondergronds archiefgebouw, deed het tweetal een aantal proefboringen. De sleufjes die ze verspreid over het grasveld maakten, lieten geen historische sporen zien.
Toen de vorst deze week het eerste echte graafwerk voor de archiefkelder mogelijk maakte, was het alsnog raak. Een paar blikken in de kuilen maakten Vermunt en Van der Kallen duidelijk dat ze niet op één of twee, maar zelfs op drie interessante zaken waren gestuit.
Twintig meter vestingswerk van rond 1700, om te beginnen. "Een zelfde soort stenen muur als je bij het Ravelijn ziet", legt Vermunt uit. "Aan de ene kant zand, aan de andere gracht. Aangelegd door Menno van Coehoorn." De muur maakte deel uit van een bastion, weet Vermunt. "Als het ware een vooruitgeschoven taartpunt van de vestingswal rond de stad. Die punt was hartstikke groot, kwam tot voorbij de Rijtuigweg. Dit is de flank ervan. Rond 1880 is hij grotendeels gesloopt. Veel stenen zijn toen hergebruikt voor huizen, een ander deel ligt nog hier."
Volgende week wordt de muurrest grotendeels blootgelegd, gemeten, gefotografeerd en... gesloopt. "Hij zit in de weg voor het archief. Jammer? Ach, er zit nog zoveel in de grond. Al moet je uitkijken dat je niet te vaak iets opoffert."
Een voorganger van het bastion vonden de archeologen ook. "Er liep sinds 1484 een stadsgracht, parallel aan de Blokstallen", legt de archeoloog uit. "Het tracé en de schuinte van het talud kun je duidelijk herkennen in de grondlagen. Van Coehoorn vond zo'n gracht niet genoeg, liet hem dempen en bouwde dus dat verdedigingswerk."
Nóg ouder, van rond 1350, zijn de pottenbakkerskuilen onder het Wilhelminaveld. "Dat was echt een verrassing. We dachten dat er zand onder het veld lag, het bleek vooral klei. Grondstof voor de pottenbakkers dus. Die groeven daar en bakten er potten van. Mislukt aardewerk werd weer in zo'n kuil gegooid. Op een plek troffen we honderden scherven aan."
Hoewel het pottenbakkersverleden van de stad bekend is, staat Vermunt nog steeds te kijken van de locaties waarop hij aardewerk aantreft.
Met projecten als Bergse Haven in het aantocht, vallen volgens Vermunt nog wel wat vondsten te verwachten. Misschien brengen die opnieuw andere inzichten en daarmee toch weer nieuws. Hoewel sommigen voor uitstel van bouwprojecten zullen vrezen, heeft de Bergse bodem voor archeologen nu eenmaal die prettige afwijking.
- video op www.bndestem.nl
Vijf keer in de grond Graafwerk in Bergen op Zoom leidt vaak tot historische vondsten. De vijf meest recente.
Oktober 2008: een Romeinse offerplaats op de Paradeplaats.
Juli 2008: een kelder van rond 1700, in de Antwerpsestraat.
December 2007: een deegroller uit de tweede eeuw na Christus, in park Kijk in de Pot.
Januari 2007: knekelput, met beenderen van 1000 tot 1500 mensen uit 18e eeuw of eerder, onder de Paradeplaats.
Augustus 2006: onder andere spaarpotje en mantelspeld uit 8e eeuw, in Augustapolder.
© BN DeStem 2012, op dit artikel rust copyright.
Wij plaatsen alleen reacties die ondertekend zijn met uw voornaam, achternaam en woonplaats.




Sorteer reacties




















