Rechtbanktekening van Willem van H., verdachte Jan B., Mr. De Leon, Mr. De Pree, J. S. , J. de L. en Comert E. Achter links OvJ. Mr. Van Kampen, rechts in het midden voorzitter Kielstra.
Volledig scherm
Rechtbanktekening van Willem van H., verdachte Jan B., Mr. De Leon, Mr. De Pree, J. S. , J. de L. en Comert E. Achter links OvJ. Mr. Van Kampen, rechts in het midden voorzitter Kielstra.

Jan B. (66) in hoger beroep tegen celstraf voor dumpen lichaam Freddy Janssen

HULTEN/BREDA - De 66-jarige Jan B. uit Hulten gaat in hoger beroep tegen zijn veroordeling voor het dumpen van het lichaam van Freddy Janssen. Dat laat zijn advocaat Brian de Pree weten aan BN DeStem. Volgens De Pree is er onvoldoende bewijs dat B. het lichaam van Janssen in stuk heeft gesneden en in pakketjes in het Markkanaal heeft gegooid. “We zijn erg teleurgesteld, omdat we vrijspraak hadden verwacht.”

De rechtbank legde maandag voor het ‘medeplegen bij het wegmaken van het lichaam' de maximumstraf op van twee jaar. Daar bovenop kreeg hij nog drie maanden voor wapenbezit.

'Een laffe uitspraak'
De rechter wilde niet ingaan op het aandeel dat B. feitelijk heeft gehad in het wegmaken van het lijk. Gekozen is voor de term ‘medeplegen’. Dit roept bij De Pree genoeg vragen op. “Ik vind het maar een laffe uitspraak. Er zijn geen specifieke handelingen van B. bekend die wijzen op hetgeen hem tenlaste is gelegd.”

De Pree moet het vonnis nog nader bestuderen. “Maar zeker is dat we in hoger beroep zullen gaan.”

Delen lichaam teruggevonden
Janssen verdween 9 mei. Delen van zijn lichaam werden van eind mei tot 4 juni teruggevonden. Bewijs van moord door Jan B. is nooit gevonden, daarvoor is hij dan ook niet aangeklaagd.

B. vertelde dat Janssen munitie bij hem wilde kopen. Toen hij die samen met B. wilde testen, zou Janssen zichzelf door het hoofd hebben geschoten.

De politie vond op het terrein van B. in Hulten ook soortgelijk gaas en plastic als waarmee de kooitjes waren gemaakt waarin delen van het lijk waren gestopt.

Nauwe samenwerking
Volgens de rechtbank was er zo'n nauwe en bewuste samenwerking van B. met minstens één ander, onbekend gebleven persoon dat er in elk geval sprake is van het medeplegen van het verstoppen van het lijk. Of hij het nu zelf deed of iemand anders. De manier waarop dat gebeurde noemde de rechtbank ,,moreel verwerpelijk, respectloos en mensonterend''.

Tegen B. is vorige week in de rechtbank in Amsterdam ook nog negen jaar cel geëist. Hij zou verantwoordelijk zijn voor grootschalige wapenhandel. Onder anderen de Mocro-maffia was klant bij B., stelt justitie. Ook de wapens voor de geruchtmakende dodelijke schietpartij in de Staatsliedenbuurt in Amsterdam zouden bij hem vandaan komen. De uitspraak in die zaak is op 9 februari.